Posts tonen met het label vriendschap. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vriendschap. Alle posts tonen

maandag 18 mei 2026

Robin Raven - De lotus en de waringinboom

Een innerlijke tweestrijd

Robin Raven (1962) heeft de smaak te pakken. In een gestaag tempo bouwt hij aan een authentiek oeuvre waarin hij zijn roots niet verloochent. In De lotus en de waringinboom neemt hij de lezer mee naar het land van zijn Indische ouders in het jaar 1948.

Jaap Klein (12) reist met zijn moeder zijn vader achterna naar Java. Jaaps vader heeft daar een belangrijke baan op een suikerplantage. En ook al heeft Soekarno drie jaar eerder de onafhankelijkheid uitgeroepen, Indonesië is volgens de heer Klein nog steeds Nederlands-Indië.

Jaap is onder de indruk. De natuur, de cultuur, het eten … Tegelijkertijd gebeuren er dingen die hij niet begrijpt. Hij is beland in een samenleving waarin ongelijkheid vanzelfsprekend is. Een klassenstelsel met de blanke man aan de top die weigert de koloniale macht uit handen te geven. Onderaan de maatschappelijke ladder bungelt het Indonesische werkvolk. Daartussen laveren behoedzaam de Indo’s, mensen van gemengde afkomst. Zoals Gus, zoon van een Indonesische moeder. Hoewel Jaap niet met hem mag omgaan, wordt Gus zijn beste vriend.

Door de ogen van Jaap voel je zijn twijfels groeien en de spanning toenemen. Jaap wordt ook nog eens verliefd op een prachtig Indonesisch meisje dat woont in de kampong. Hun bijna mystieke ontmoetingen bij de magische waringinboom, de boom met de hangende luchtwortels en de glanzende bladeren, brengen Jaap in een innerlijke tweestrijd. Gevoed ook door de verhalen van de plantagearts, meneer Quist, verruimt zijn blik, groeit het besef dat er meer is dan de rationele, koloniale en gewelddadige wereld van zijn vader.

 

We kennen Robin Raven als een begaafd verteller. Maar dit verhaal is echt next level. Werkelijk alles klopt in deze gelaagde geschiedenis. Een fascinerende jeugdroman waarin de schrijver zonder belerend over te komen onze koloniale geschiedenis op fenomenale wijze invoelbaar maakt door de ogen van een kind. Echt grote klasse!


Voor lezers van twaalf jaar en ouder.


Raven, R. (2026). De lotus en de waringinboom. Rotterdam: Uitgeverij Lemniscaat b.v. Isbn 978 90 477 1857 4 € 15,99, 261 blz.

Jason Reynolds - Sunny

Loslaten voor een nieuwe start

Sunny is een nieuw verhaal in de zogeheten Track-serie van de Amerikaan Jason Reynolds. Eerder verschenen Ghost en Patina.

Ghost, Patina, Sunny en Lu maken deel uit van hetzelfde hardloopteam. Het zijn talentvolle, jonge  atleten die met hun team de Olympische Jeugdspelen kunnen behalen. Hun coach is zeer gedreven en hij wil evenals Sunny’s vader het liefst dat Sunny wint. Maar Sunny heeft er geen plezier meer in. Hij draagt een geheim bij zich dat hem langzaam opvreet. Het heeft te maken met zijn moeder die stierf tijdens zijn geboorte. Sunny voelt zichzelf een moordenaar.

‘Vruchtwaterembolie’. (…) Als je het in baringstaal vertaalt betekent het: ‘de dood van mijn moeder’. Het betekent dat haar bloed vergiftigd werd. Waardoor haar hart stopte. Waardoor ik als kind de hele tijd om haar gilde en een hartslag zocht.’ (p. 15)

Sunny’s vader Darryl — stil, streng, emotioneel gesloten — gaf zijn zoon nooit expliciet de schuld. Maar zo werkt het niet in Sunny’s hoofd. Darryl blijft benadrukken dat Sunny zijn moeders droom moet waarmaken, te weten het winnen van een marathon.

‘Alsof het gemis van een moeder gewist kan worden met een medaille.’ (p.16)

En zo voelt het lopen voor Sunny niet als een bevrijding, maar eerder als een soort van boetedoening: een manier om iets goed te maken.

Op een dag stopt Sunny midden in een wedstrijd. Hij is er klaar mee. Het liefst wil hij dansen. Zijn coach reageert niet boos, eerder nieuwsgierig en hij brengt  Sunny op het idee om te gaan discuswerpen. Een discipline die draait om draaien, ritme en flow. Het is precies wat Sunny zoekt.

Sunny’s nieuwe rol in het team werkt bevrijdend. Langzaam maar zeker lukt het hem om meer afstand te nemen van zijn schuldgevoel over de dood van zijn moeder en er ontstaat ruimte voor echte gesprekken met zijn vader.

 

Het boek is opgebouwd uit dagboekfragmenten. Reynolds slaagt er buitengewoon in de innerlijke strijd van de ik-figuur te verwoorden. Diens zoektocht naar een manier om zichzelf te zijn, wordt door hem knap beschreven. Met al zijn emoties is Sunny Lancaster een innemende jongen die je als lezer al snel in je hart sluit. Een verhaal ook dat voldoende ruimte biedt om je te identificeren met de hoofdpersoon.


Jason Reynolds (1983) won meerdere prijzen voor zijn werk, waaronder de Carnegie Medal – de Gouden Griffel van de Verenigde Staten. Reynolds las voor het eerst een boek toen hij zeventien was. Hij kwam maar weinig verhalen tegen waarin hij zichzelf herkende. Met zijn boeken wil hij daar verandering in brengen.


Zeer de moeite waard voor lezers in de eerste twee leerjaren van het voortgezet onderwijs.


Reynolds, J. (2026). Sunny. Rotterdam: Uitgeverij Condor. Vertaald door Maria Postema. Isbn 978 94 933 56876 0 € 16,99, 157 blz.

zondag 26 april 2026

Reinier Sonneveld - De geheimen van Sterrenstad

Ilya woont in Sterrenstad, een verborgen plaats in de voormalige Sovjet Unie ten tijde van de koude oorlog. De stad ontbreekt zelfs op de landkaart! Er worden in het diepste geheim kosmonauten opgeleid om later de ruimte in te gaan. Ilya’s vader werkt in de ‘verboden gebouwen’. Op een dag verdwijnt hij zonder uitleg. Er komen af en toe brieven, maar niemand vertelt Ilya waar zijn vader is of waarom hij weg moest. Zijn moeder ontwijkt alle vragen. Dit voedt Ilya’s wantrouwen en verdriet.

Ilya laat het er niet bij zitten. Hij is vastbesloten zijn vader terug te vinden en hij krijgt hulp van zijn vriendin Zlata. De twee kinderen ontdekken vreemde zaken. Zo verdwijnen er mensen van foto’s, is de bioscoop in hun stad pure nep en eindigen voetsporen in de sneeuw abrupt. De raadsels stapelen zich op en de sfeer wordt dreigender. En terwijl Ilyas en Zlata moeite doen te achterhalen wat er werkelijk speelt, rijpt zich een bizar, gedurfd plan in hun hoofden. Ze willen verder reizen dan een kind ooit heeft gedaan.


Het verhaal is een raamvertelling. In het eerste hoofdstuk vertelt de schrijver Reinier Sonneveld over een ongeluk dat hij meemaakte met zijn zoon in Plopsaland waar de twee urenlang vastzaten in een karretje in een stilgevallen achtbaan. Terwijl de reddingsactie op gang kwam, vertelde een passagier (de volwassen Ilya) achter hen, een ongelooflijk verhaal over zijn jeugd in een communistische enclave in 1983. Het zijn deze jeugdherinneringen die centraal staan in Sonnevelds boek.

De wereld waarin Ilya groot wordt, is er een vol geheimen en propaganda, waardoor hij niet weet wat hij mag voelen of geloven. Zijn verwarring en eenzaamheid zijn subtiel maar intens. Het totalitaire systeem in de Sovjet Unie bepaalt Ilya’s leven en laat geen ruimte over voor eigenheid. Zijn ontdekkingstocht is feitelijk een langzaam ontwaken — een proces dat herkenbaar is voor jongeren die leren kritisch te denken.


Een authentiek verhaal met een heel bijzondere sfeer dat na afloop nog lang in je hoofd blijft sudderen. Reinier Sonneveld  (1978) is schrijver en theoloog. Uit zijn pen rolden onder meer essays en populairwetenschappelijke non-fictie over met name het christelijk geloof. Hij publiceerde meerdere jeugdromans, musicals, prentenboeken en thrillers.

Geschikt voor de brugklas.


Sonneveld, R. (2025). De geheimen van Sterrenstad. Rotterdam: Uitgeverij Lemniscaat bv. Isbn 978 90 477 1849 9 € 15,99, 222 blz.

Bianca Mastenbroek - Tims stille schreeuw

Tim maakt na de scheiding van zijn ouders een depressie door die hij zelf nauwelijks begrijpt en die door zijn omgeving niet wordt opgemerkt. Terwijl hij steeds verder wegzakt, probeert hij wanhopig overeind te blijven. Tot zijn stille schreeuw eindelijk wordt gehoord. Hij heeft iets verschrikkelijks gedaan. Nu ligt hij als een zombie in bed en reageert nergens meer op. Zelfs niet op zijn beste vriend Jurre.

Die voelt zich schuldig en wil alles doen om te helpen. Als hij Tim smeekt om weer normaal te doen, wordt Jurre meegezogen in de duistere binnenwereld van zijn vriend. Een magische wereld, die zou moeten sprankelen door het licht van de Zonneprinses, maar zij is op sterven na dood. Om haar te redden zal Tim de heks uit het Moeras der Moedeloosheid moeten verslaan. De tocht door het duister zit vol gevaar en tegenslag. Terwijl hun moed en vriendschap op de proef worden gesteld, ontdekken Tim en Jurre wat er écht in hen schuilt. Ondertussen druppelt de Emmer des Tijds vol, tikt de tijd langzaam weg, Lukt het de jongens hun opdracht te voltooien alvorens de Emmer overstroomt? Want dan is het te laat.


Het boek is knap opgebouwd. Dagboekfragmenten van Tim en de avonturen die hij met Jurre beleeft, wisselen elkaar af. Gaandeweg kom je als lezer steeds meer aan de weet over de jongens en hun thuissituatie. Het wordt duidelijk dat de fantasievolle missie niet alleen de zieke zonneprinses kan redden, maar dat Tim zo ook zichzelf helpt. Aan het eind wordt duidelijk wat voor verschrikkelijks Tim heeft gedaan en dat komt binnen! Maar dan ontstaat er – doordat Tim zich openstelt – ook ruimte voor herstel.

Wat een mooi boek! Prachtig geïllustreerd ook door Monique Dozy. Hulde! Zeer geschikt voor lezers in de onderbouw, vooral ook voor die kinderen die kampen met gevoelens van neerslachtigheid. Mastenbroek laat zien dat je niet alleen bent. Hulp vragen is geen zwakte, praten helpt!


Bianca Mastenbroek (1975) schreef al meer dan veertig boeken voor kinderen, jongeren en volwassenen. Het liefst schrijft ze spannende, magische, sprookjesachtige of historische verhalen en dat doet ze heel verdienstelijk. In 2019 won ze met Hendrick, de Hollandsche indiaan zowel de Jonge Beckman als de Thea Beckmanprijs. Ze werd ook tweemaal genomineerd voor de Kleine Cervantes.


Mastenbroek, B. (2025). Tims stille schreeuw. Rotterdam: Uitgeverij Lemniscaat b.v. Isbn 978 90 477 1825 3 € 16,99, 260 blz.

maandag 30 maart 2026

EliSophie Andrée - Girl Gang: Door iedereen gedumpt

Een opmerkelijke trilogie van Uitgeverij Eenvoudig Communiceren. De boeken in de reeks Girl Gang zijn geschreven door de Zweedse EliSophie Andrée (1996).

Ik leef in de leegte. Een holle, stille plek waar alleen ik besta. Niets anders. En niemand anders.

Ik ben al drie dagen niet uit mijn kamer geweest. Oké, het was weekend. Maar toch. Morgen is het maandag. Dan moet ik weer naar school. Daar zal ik de meiden weer zien. Mijn vroegere vriendinnen, maar nu mijn vijanden.

Ik trek het dekbed over mijn hoofd. (Girl Gang deel 1, p. 19)

Gedumpt

Natta heeft het goed voor elkaar. Een relatie met Milan die haar als bewijs van zijn liefde een prachtige armband schonk voor haar verjaardag. Een leuke vriendinnengroep, haar eigen girl gang. Maar dan wordt ze door Roksi, Jade en Stefanie gedumpt, verwijderd ook uit de groepschat de Heksen.

‘We willen een pauze. Van jou. ’Dat zeggen de meiden tegen haar, vriendinnen die ze al kent sinds de kleuterschool!

Dat laat Natta niet op zich zitten. Haar girl gang moet net zoveel lijden als zij. Een voor een komen ze aan de beurt. Ze kan niet anders, ze heeft een echte duivel in zich. De zoetste wraakactie bewaart ze tot het laatst. Voor Stefanie, de koningin van de groep. Zij verdient het allerergste!

 

Tienerdrama

De drie boeken in de reeks Girl Gang (Door iedereen gedumpt, Een echte bitch en Zoete wraak) zijn los van elkaar te lezen, maar dat ligt niet voor de hand. Met gitzwarte humor ontrolt zich direct al in het eerste hoofdstuk van deel 1 een tienerdrama over relaties, vriendschap, groepsdruk en verraad. Verhalen over meidengroepen zijn populair, omdat ze laten zien wat er achter de perfecte buitenkant schuilgaat. De schrijfster bouwt de spanning subtiel op en als lezer wil je natuurlijk weten hoe het afloopt. De dialogen zijn op een natuurlijke wijze en met veel gevoel voor humor in voor jongeren herkenbare spreektaal opgetekend. De snelheid van vertellen ligt hoog, maar stoort niet. EliSophie Andrée is regisseur en maakt scripts voor televisieseries en toneelstukken. Dat zie je terug in de filmische wijze waarop zij alle gebeurtenissen beschrijft. Die houden je scherp en maken Girl Gang tot een fascinerende serie waarbij je je werkelijk geen moment verveelt. Geschreven op A2> B1 leesniveau en mede dankzij het grotere lettertype, de korte hoofdstukken, de vele cliffhangers en het handzame formaat uitermate geschikt voor vmbo’ers van dertien jaar en ouder.

 

Andrée, E. (2026). Girl Gang – Door iedereen gedumpt (1), Een echte bitch (2), Zoete wraak (3). Vertaald uit het Zweeds door Klaas Thees van Hoek. Amsterdam: Uitgeverij Eenvoudig Communiceren. Isbn 978 90 869 6810 7, 978 90 869 6811 4, 978 90 869 6812 1  € 14,50 per stuk, 64 blz. per stuk

woensdag 4 februari 2026

Mariska Overman - Duizend stukjes overal

Een olifant op je borst

Er zijn in de jeugdliteratuur talloze verhalen bekend met de dood als belangrijk onderwerp. Boeken waarin de hoofdpersoon worstelt met emotionele problemen als gevolg van het overlijden van een dierbare. Duizend stukjes overal, het nieuwste boek van Mariska Overman, is qua thematiek geen uitzondering. Maar de auteur koos wel voor een hele bijzondere invalshoek. Ze zet de technologie in van kunstmatige intelligentie om de hoofdpersoon, gevangen in haar emoties, te helpen ontsnappen uit een diep tranendal.

Er klautert een olifant op haar borst. Hij gaat zitten. BAM. Met zijn volle gewicht. Haar adem piept en kraakt en hapert. Ze mept De Olifant maar hij blijft lekker op zijn plek. Ze weet wel waarom. Hij wil de tranen, die ze al maanden in haar borstholte opspaart, omhoog persen. Zo – pats! – haar ogen uit. (p. 8-9)

Mijs is twaalf jaar oud en zit net op de middelbare school. Een jaar geleden is haar broer Joes overleden en sindsdien is niets meer hetzelfde. Ze stopt met dansen, is vaak boos en op school gaat iedereen haar uit de weg. Mijs’ ouders sturen haar naar een therapeut. Die komt met het idee van een rouwbot, samengesteld uit foto’s, filmpjes en informatie. Een AI-versie van Joes die het mogelijk maakt dat je via de computer levensecht met hem kunt praten. Een rouwbot die leert en steeds beter wordt, levensecht!

Mijs stemt met enige tegenzin in. Computer-Joes is misschien beter dan helemaal geen Joes. Ze noemt hem ‘nechte Joes’, nep en echt tegelijk.

De gesprekken met de digitale versie van Joes zijn vreemd en verwarrend tegelijk. Toegegeven, nechte Joes lijkt heel erg op haar broer. En ook al hapert het programma zo nu en dan en gebruikt het Mijs’ bijnaam ‘Minimijs’ op de verkeerde momenten, Mijs vindt toch wel enige troost in haar ontmoetingen met de rouwbot.

Bowie, de beste vriend van haar broer, vindt de AI-versie van Joes helemaal niks. Hij neemt Mijs mee naar de plekken waar hij met Joes vaak kwam. Dan ontdekt Mijs Bowies geheim. Een geheim dat hen nog dichter bij elkaar brengt.


Mariska Overman (1970), die zelf op jonge leeftijd een broer verloor bij een verkeersongeluk, heeft haar verhaal gesitueerd in het jaar 2028, een toekomst die dichtbij genoeg voelt om realistisch te zijn. Gelet op de huidige techniek rond kunstmatige intelligentie lijkt een rouwbot daarom geen gimmick, maar een serieus instrument om emoties te reguleren. Maar het is toch vooral de vriendschap met Bowie die er toe doet. Door hem beseft Mijs dat ieder rouwt op zijn eigen manier. En dat is prima. Wanneer haar computer vastloopt, raakt Mijs eerst in paniek Maar uiteindelijk weet ze het zeker. Ze gaat Joes niet opnieuw installeren.

Van Mariska Overman, van huis uit docent filosofie en levensbeschouwing, verscheen eerder bij Kluitman De zomer die alles was (2024). Voor dit boek ontving ze vorig jaar een zilveren griffel. Via de website van Uitgeverij Kluitman is een lesbrief te downloaden met opdrachten die passen bij Duizend stukjes overal en bij het thema ‘dood’.

 

Overman, M. (2025). Duizend stukjes overal. Alkmaar: Uitgeverij Kluitman Alkmaar B.V.. Isbn 978 90 206 2823 4 € 16,99, 188 blz.

Marlies Slegers - Schildpadmeisje

De juiste keuze is soms de meest lastige

Marlies Slegers kan zich goed verplaatsen in het gevoelsleven en in de gedachtewereld van opgroeiende kinderen. Ze heeft bovendien een groot talent voor het schrijven van verhalen. Daarbij schuwt zij de lastiger onderwerpen niet. Zo schetst zij In het alom geprezen Briefjes van Pelle (Luitingh-Sijthoff, 2020) een wonderschoon portret van de hoofdpersoon, een gevoelige jongen die treurt om het overlijden van zijn vader. In haar nieuwste boek Schildpadmeisje legt Slegers de lat wederom hoog door te kiezen voor de nogal heftige onderwerpen huiselijk geweld en verwaarlozing.

De dertienjarige Elvis, door ieder Vis genoemd, heeft het thuis niet makkelijk. Haar ouders zijn gescheiden. Haar vader woont in Parijs en ze mist hem enorm. Vis’ moeder gaat zich geregeld te buiten aan het drinken van grote hoeveelheden alcohol. Haar frustraties reageert ze af op haar dochter die veel tijd doorbrengt in haar geheime schuilplek, een caravan in het bos. Daar voelt ze zich veilig. Daar stalt ze ook de voorwerpen uit die ze in de loop der tijd vond bij het grofvuil. Een verzameling van afgedankte spullen waarvan Vis evengoed de schoonheid ziet.

Op een dag vindt ze tussen het vuilnis op straat een bakje met daarin een schildpad.

De schildpad en ik kijken naar elkaar. Ik breng mijn gezicht dicht bij de bak, zodat ik recht in zijn prachtige kraaloogjes kan kijken. Zijn rafelige mond hangt wat naar beneden, alsof hij depressief is. ‘Hallo,’ fluister ik. ‘Ben jij ook niet gewenst?’ (p. 18-19)

Vis neemt de schildpad mee naar huis en noemt hem Simon.

Niet veel  later maakt ze kennis met de nieuwe, nogal excentrieke achterbuurjongen Sid (Sydney). Hij is in alles het tegenovergestelde van Vis. Vis begrijpt niet waarom hij belangstelling toont voor haar, zelfs moeite doet om vrienden te worden. Ze is het niet gewend om gezien te worden. Niet op school en al helemaal niet thuis. Dankzij Sid, maar ook door Simon de schildpad kruipt Vis beetje bij beetje uit haar schulp, stelt ze zich steeds meer open.

Maar dan, als haar moeder weer eens heel erg dronken is, neemt Vis een drastisch besluit. Ze loopt weg van huis en vertrekt naar Parijs. Naar haar vader.

Schildpadmeisje is een prachtig verhaal dat al vanaf de eerste bladzijden onder je huid kruipt. Slegers maakt op een knappe manier voelbaar hoe de jonge hoofdpersoon behoedzaam manoeuvreert tussen gevoelens van angst, schaamte en loyaliteit richting haar moeder. Tegelijkertijd ervaart ze dat er mensen zijn die wél betrouwbaar zijn en dat ze recht heeft op veiligheid en steun.

Het kan niet anders of jonge lezers (twaalf jaar en ouder) worden mede door het dramatische onderwerp en de directe manier van vertellen geraakt. De schrijfster trekt met dit hartverscheurende verhaal huiselijk geweld uit de anonimiteit, geeft de slachtoffers een gezicht. Het verhaal laat ook zien dat er altijd een uitweg is en dat de liefde overwint. En dat is voor jongeren met mentale problemen een troostrijke gedachte!


Marlies Slegers (1965) groeide op in Indonesië. Op haar achttiende verhuisde ze naar Nederland waar ze ging studeren en werken. Een schrijfcarrière bleef echter lonken en ze besloot schrijfworkshops te volgen. Met haar korte verhalen won ze diverse prijzen. Inmiddels heeft ze meer dan dertig boeken op haar naam staan waaronder Onder mijn huid, Vijftien, Briefjes voor Pelle en We moeten je iets vertellen.


Slegers, M. (2025). Schildpadmeisje. Amsterdam: Uitgeverij Luitingh-Sijthoff bv. Isbn 978 90 210 5350 9 € 16,99, 283 blz.

woensdag 19 november 2025

Robin Raven - De opdracht van Tula

Curaçao, 1795. Lucia en haar vriend Martinus werken op plantage Kenepa van Shon Caspar van Uytrecht. Tijdens Lucia’s montamentu – haar inwijding in de volwassenheid – ontmoet ze, bedwelmd door rum en kruiden, de geest van de goddelijke Yoruba Orisha in de gedaante van een reusachtige pega pega-hagedis. Hij geeft haar een vage opdracht: ‘Verzamel de kracht om te doen wat je moet doen!’

Op Saint-Domingue (Haïti) is een opstand uitgebroken onder de slaven en geïnspireerd door de verhalen vanuit deze Franse kolonie groeit de onrust en het verzet onder de tot slaaf gemaakte arbeiders op Curaçao. Wanneer Tula, de man die als een vader voor Lucia zorgt, wreed wordt gestraft door de plantage-eigenaar omdat hij haar heeft geholpen, laat hij weten dat het tijd is het werk neer te leggen.


‘De tijd van vrijheid is aangebroken en iemand moet de bel luiden.’ (…) Tula kijkt beurtelings naar Lucia en Martinus. ‘Yoruba Orisha,’ zegt hij. Als Lucia die naam hoort, ziet ze de reuzenhagedis weer voor zich. ‘Wat heeft die met jouw plan te maken?’ vraagt ze.

Tula glimlacht. ‘Alles, Lucia. Alles. Waarom denk je dat hij hier zojuist is verschenen? Weet je nog wat hij tegen je zei tijdens de montamentu? (…) Jullie zijn uitverkoren door Yoruba.’ (p. 51-53)

 

Lucia en haar vriend reizen af naar de andere plantages om namens Tula de boodschap door te geven: ‘De tijd is rijp voor een opstand. Het is nu of nooit.’

In de dagen die volgen, geven steeds meer arbeiders gehoor aan Tula’s oproep. Zij sluiten zich aan bij de opstandelingen voor een reis richting Willemstad. Bij de Sint Michielsbaai raken de vrijheidsstrijders slaags met soldaten van het garnizoen Fort Amsterdam. Er volgt een bloedige strijd waarin de kinderen worden gescheiden van Tula.

 

Tula heeft echt geleefd. Na zijn gevangenneming werd hij in Willemstad publiekelijk op gruwelijke wijze gefolterd en gedood. In 2010 werd hij uitgeroepen tot nationale held van Curaçao en in 2023 werd hij door de Nederlandse regering officieel gerehabiliteerd.

 

Robin Raven (Haarlem, 1962) woonde als kind op Curaçao. Hij kent het eiland goed, maar het duurde tot 2020 alvorens hij zich verdiepte in de historische figuur Tula. Aanleiding was zijn deelname aan de Slavernij- en de Revolusitenstoonstelling in het Rijksmuseum. Hij schreef verhalen over meerdere vrijheidsstrijders en een van die personages was Tula. Eerst was er de audiotour, later volgde een roman voor volwassenen (De opstand van Tula. Omniboek, 2023) en nu dus dit jeugdboek.

 

De opdracht van Tula is een ontroerend, meeslepend relaas waarin Raven zich wederom ontpopt als een begaafd schrijver. Geen overbodige passages. Geen nodeloos uitvoerige beschrijvingen en uitweidingen waardoor de vaart uit de geschiedenis sijpelt, maar een evenwichtig en stilistisch fraai geschreven verhaal.


Raven, R. (2025). De opdracht van Tula. Rotterdam: Lemniscaat b.v. Isbn 978 90 477 1781 2 € 15,99, 180 blz.

woensdag 10 september 2025

Elin Meijnen - De blauwe vinvistemster

Blauwe vinvistemster

Monica (13) vertrekt in de zomervakantie naar Terschelling. Ze kent het Waddeneiland goed. Haar oma en opa van moederskant zijn er de uitbaters van Theetuin de Houtzagerij en ze logeert er vaak.

Monica reist voor het eerst alleen. In Harlingen Haven raakt ze aan de praat met jongeren die zich opmaken voor een verblijf  op de populaire jongerencamping De Fruitmand. Op de boot bladert Monica in haar moeders fotoalbum. Het is mama’s laatste boek voordat ze tijdens een skivakantie verongelukte. Op een van de foto’s ziet Monica zichzelf zitten bij haar moeder op schoot. Samen lezen ze het boek De blauwe vinvis.

Hier werd ze vijf (…) Monica kende het helemaal uit haar hoofd. (…) Mama heeft er een gesprekje bij getypt.

 Monica: Kun je alle dieren temmen?

Mama: Ik denk het wel

Monica: Ook vissen?

Mama: Dolfijnen kun je temmen, verder weet ik het niet

Monica: De blauwe vinvis is de allergrootste vis van de wereld

Mama: De allergrootste ..

Monica: Dan word ik later blauwevinvistemster (p. 24)

Chillen op het strand

Aangekomen op Terschelling ontmoet Monica dezelfde vriendengroep en liegt ze over haar leeftijd. Een van de jongens nodigt haar uit hen op te zoeken en samen te chillen op het strand. Het is een aantrekkelijk voorstel omdat ze zo voor even kan ontsnappen aan haar jongere nichtje Silke en neefje Pim die eveneens in de Theetuin logeren en die voortdurend al haar aandacht opeisen.

In de dagen die volgen zijn er zorgen om opa die bij de reddingsactie van een jonge kat ten val komt. Nu oma haar man vergezelt naar het ziekenhuis op het vasteland hebben Monica, haar neefje en nichtje voor even het rijk alleen. Monica laat zich door haar nieuwe vrienden verleiden en sluit zich met Pim en Silke aan bij een kampvuur op het strand waar ze zich tot diep in de nacht vermaken. Monica voelt zich aangetrokken tot Teun (16), ze vindt hem meer dan aardig.

Jezelf zijn

Als opa en oma terugkeren op het eiland worden ze vergezeld door tante Aaf, opa’s oudere zus. De sfeer is gespannen en oma gedraagt zich nogal kribbig. Opa en zijn zus leggen het Monica uit. Monica’s moeder was een nogal rebelse tiener. Op de leeftijd van Monica begon ze te veranderen. Jelena deed alles stiekem, spijbelde van school en trok op met oudere vrienden. Oma ziet veel van haar kind terug in Monica, is bang dat haar kleindochter dezelfde kant opgaat.

‘Ik denk,’ zegt tante Aaf, ‘dat jouw oma nog heel veel verdriet heeft om Jelena. En dat ze de schuld bij zichzelf zoekt.’ (…)

‘Dat begrijp ik niet,’ zegt Monica.

‘Dat Greet vindt dat Jelena’s energie de oorzaak is van haar dood,’ zegt tante Aaf. ‘En dat het haar niet gelukt is om die energie in te dammen. (…) Jelena was roekeloos. Ze wilde altijd iets van avontuur beleven. Daarom ging ze offpiste skiën.’ (p. 130)

Diezelfde middag fietst Monica naar het strand. Ze realiseert zich dat ze lijkt op haar moeder, maar ze bedenkt dat ze toch ook vooral zichzelf is en dat zij het liefst wil blijven op het eiland waar ze zich verheugt op een ontmoeting met Teun. Het wordt voor deze zomer hun laatste samenzijn. De volgende morgen is hij voor dag en dauw vertrokken, maar Teun laat via zijn vriend Sebas een souvenir (een knuffel van de blauwe vinvis) met een briefje achter dat de deur opent voor een hereniging volgend jaar.


Elin Meijnen (Amsterdam, 1971), studeerde muziek en Nederlands. Ze staat voor de klas en heeft een passie voor jeugdliteratuur. Ze is enorm gedreven en doet er alles aan haar leerlingen aan het lezen te krijgen. In 2021 debuteerde ze als schrijfster met De tweede stem waarvoor ze de Jonge Jury Debuutprijs 2022 ontving. Huisje 13, leestip voor de Jonge Jury 2023, verscheen een jaar later. Daarna volgden nog Vanavond bij de rivier (2024) en De blauwe vinvistemster (2025). Voor een bespreking van Vanavond bij de rivier klik hier.

De blauwe vinvistemster is een echt meidenboek, vooral geschikt voor jongere leerlingen in de onderbouw. Teder en herkenbaar, grappig en gevat maakt Elin de lezer deelgenoot van de belevenissen van de hoofdpersoon op de drempel naar de puberteit.

Eigenlijk gebeurt er in de boeken van Elin Meijnen niet heel erg veel. Dat de schrijfster er evengoed in slaagt de aandacht van de lezer vast te houden zegt iets over haar vakmanschap. Het zijn haar scherpe observaties en de directe manier van vertellen waardoor jongeren beslist worden geraakt. Nergens onnodig problematiserend gaan haar verhalen over echte mensen. Ik ben fan!


Meijnen, E. (2025). De blauwe vinvistemster. Amsterdam: Uitgeverij Leopold. Isbn 978 90 258 8868 8 € 16,99, 181 blz.

Elin Meijnen - Vanavond bij de rivier

Een vakantie zonder zorgen?

Ik haat de treurigheid van gezinnen die aankomen op een camping. Mensen die na een lange dag rijden met gekreukte kleren uit de auto stappen en verdwaasd om zich heen kijken, meestal voor een vol terras waar iedereen ze aanstaart. Ongemakkelijker wordt het niet. (p. 5)

Het zijn de openingszinnen in Vanavond bij de rivier. De schrijfster laat Jay (16) aan het woord die met zijn ouders de Franse camping bezoekt waar ze sinds jaar en dag komen. Jay hoopt dat het inchecken snel klaar is zodat hij kan aansluiten bij zijn vakantievrienden.

Jay heeft alle reden uit te zien naar een vakantie zonder zorgen. Zijn vader kampt met de verschijnselen van post-covid en de ziekte beheerst niet alleen zijn leven, maar ook dat van zijn gezin. Jay en zijn moeder konden met heel veel inzet een faillissement van de sportschool niet voorkomen. Het huurhuis hoefden ze niet te verlaten, maar geldzorgen zijn er volop.

Lilou

De aanhoudende vermoeidheidsklachten van Jay’s vader en het gedoe over geld veroorzaken veel spanningen. Jay vindt afleiding bij zijn vrienden, maar zijn gedachten gaan vooral naar Lilou, de mooie jonge Française die werkt op de camping. Vooralsnog lijkt zij voor hem onbereikbaar. Ze spreekt geen Nederlands, is drie jaar ouder en niet onbelangrijk: ze heeft al een vriend. Toch is er een klik en als Lilou hem vraagt haar te helpen met Nederlandse lessen, omdat ze naar de kunstacademie wil in Nederland, ziet Jay een opening.

Onder de overkapping wordt het amusement opgebouwd. (…)

‘O jongens, dit wordt weer smullen,’ zeg ik lachend. ‘Lekkere Franse lulligheid waar we allemaal op gaan dansen vanavond.’

‘Franse luuligheid? Wat betekent dat?’

Betrapt.

Lilou staat naast me en kijkt naar me op met een dubbelzinnig lachje. ‘Ik heb Nederlandse les nodig, Zjay. “Luuligheid”. Ik ken jouw woorden niet.’ Ze draagt geen make-up, en haar haren zijn nat van het douchen.’ (…)

‘En vanavond wij gaan dansen. Vanavond ben ik vrij.’

Ik zweef. (p. 71-72)

Maar dan gooien Jay’s ouders roet in het eten en lijken zijn kansen verkeken. Of kan zijn ondernemende oma nog iets voor hem en zijn ouders betekenen?


Het verhaal is zo geschreven dat je alle gebeurtenissen meemaakt door de ogen van Jay. In een interview met Frits Spits (De Taalstaat - NPO1, 1 juni 2024)  legde Elin uit dat ze het een uitdaging vond het innerlijk van een zestienjarige jongen te beschrijven. Daar is ze heel goed in geslaagd. Jay maakt met al zijn onzekerheden een authentieke en geloofwaardige indruk en het zal de meeste pubers weinig moeite kosten zich te identificeren met deze sympathieke hoofdpersoon.

Een meeslepend verhaal dat leest als een trein en dat jongens van veertien jaar en ouder absoluut zal aanspreken.


Elin Meijnen (Amsterdam, 1971), studeerde muziek en Nederlands. Ze staat voor de klas en heeft een passie voor jeugdliteratuur. Ze is enorm gedreven en doet er alles aan haar leerlingen aan het lezen te krijgen. In 2021 debuteerde ze als schrijfster met De tweede stem waarvoor ze de Jonge Jury Debuutprijs 2022 ontving. Huisje 13, leestip voor de Jonge Jury 2023, verscheen een jaar later. Daarna volgden nog Vanavond bij de rivier (2024) en De blauwe vinvistemster (2025).  Voor een bespreking van dat laatste boek klik hier.


Meijnen, E. (2024). Vanavond bij de rivier. Amsterdam: Uitgeverij Leopold. Isbn 978 90 258 8715 5 € 16,99, 156 blz.

donderdag 13 maart 2025

Ali Standish - Het onwaarschijnlijke verhaal van Baskerville Hall. Het teken van de vijf

Een race tegen de klok

Arthur keert voor een nieuw trimester terug naar Baskerville hall, een geheimzinnige school voor buitengewone leerlingen. Hij verheugt zich op een hereniging met zijn vrienden en hij popelt van ongeduld te beginnen aan de lessen. Er is de jonge speurder die we kennen uit Het onwaarschijnlijke verhaal van Baskerville Hall (Lemniscaat 2024) echter weinig rust gegund. Snel na zijn aankomst wordt zijn favoriete leraar, professor Sherlock Holmes, bedreigd door een gevaarlijke vijand. Is het de man die zichzelf de Groene Ridder noemt? En Holmes is niet het enige doelwit. Er vallen meer slachtoffers.
In een race tegen de klok moet Arthur oude vijanden het hoofd bieden, geesten trotseren en mysteries oplossen voor het te laat is. Mysteries die niet alleen Arthurs verstand op de proef stellen, maar ook zijn vriendschappen.

De echte Arthur Conan Doyle werd in 1859 geboren en hij was de schrijver van de wereldberoemde verhalen over Sherlock Holmes.

Dit boek van Ali Standish is het tweede deel in een toegankelijke serie over Baskerville Hall. Het teken van vijf is zelfstandig te lezen, maar enige voorkennis kan voor een juist begrip handig zijn.


De Amerikaanse schrijfster Ali Standish studeerde jeugdliteratuur aan de universiteit van Cambridge. Ze won onder meer de Jane Addams Book Award Honor voor uitmuntende jeugdliteratuur die kinderen aan het denken zet over vrede, sociale rechtvaardigheid en gelijkheid voor alle mensen. Zelf raakte Standish in haar jonge jaren geïnspireerd door De magische kronieken van Narnia van C.S. Lewis. De wereld die ze creëert in haar verhalen over Baskerville Hall doen denken aan Harry Potter en ik kan me dan ook voorstellen dat liefhebbers van het werk van Rowling smullen van deze nieuwe reeks.


Standish, A. (2024). Het onwaarschijnlijke verhaal van Baskerville Hall. Het teken van de vijf. Oorspronkelijke titel: The Improbable Tales of Baskerville Hall. The Sign of the Five. Vertaling uit het Engels door Johanna Rijnbergen. Rotterdam: Uitgeverij Lemniscaat b.v. Isbn 978 90 477 1631 0 € 18,99, 332 blz.

dinsdag 4 maart 2025

Maren Stoffels - Nog 27 dagen leven

De 27-club

‘Soms voelt het alsof iedereen wacht op mijn dood. Niemand zegt het, maar ik zie het in hun ogen. Zelfs mijn vriendinnen zitten braaf naast mijn bed en wachten. Maar de ochtend erna ben ik er nog steeds. Ik ga niet dood. Nog niet tenminste. (…)

Aan het einde van dit verhaal ga ik dood. Je kunt er rustig op wachten, net als alle anderen. Misschien skip je een paar bladzijdes omdat je denkt: is ze er nou nog stééds? Is het nog stééds niet afgelopen? Maar aan het einde ga ik écht dood. Dat beloof ik.’ (p. 5)


Lissa ligt op sterven. De artsen hebben haar opgegeven. De kanker zit overal. De angst is groot dat er met een volgende hoestbui een nieuwe longbloeding ontstaat en dat ze stikt. Daarom heeft ze gekozen voor euthanasie. Zevenentwintig dagen na de eerste bloeding wil ze overlijden. Zo hoort ze een beetje bij de ‘27 club’, het illuster gezelschap van muzikanten en andersoortige beroemdheden die overleden op 27-jarige leeftijd. Mensen als Jimi Hendrix, Janis Joplin, Amy Winehouse en Jim Morrison.

Lissa slijt haar laatste dagen in haar slaapkamer waar ze vanuit haar bed door het venster een perfect uitzicht heeft op de straat en de huizen aan de overkant. Ze hoort alle geluiden en ze houdt van de constante stroom mensen die onder haar raam passeren. Amsterdam op zijn best.

Lissa heeft bedacht dat ze nog iets groots wil doen. Iets van betekenis. Ze zag ooit een filmpje waarbij een ruilhandel met als inzet een muntje na verloop van tijd resulteerde in het verkrijgen van een villa. Ze is vast van plan op eenzelfde manier haar oudere broer Mio te helpen aan een peperdure scooter. Die heeft hij nodig voor de toestemming van de overbuurman die het zijn dochter verbood Mio te vergezellen naar het aanstaande schoolfeest.

Lissa krijgt hulp van een toevallige voorbijganger, de schuchtere Ellen, die vanwege een wijnvlek in het gelaat worstelt met een minderwaardigheidscomplex. Tussen de meiden ontstaat, beide getekend door het leven, een warme vriendschap.


Maren Stoffels (Amsterdam, 1988) in een nawoord over Nog 27 dagen leven:

‘Mijn beste vriendin Laura overleed een paar jaar geleden. In die zomer kreeg ze longbloedingen als gevolg van kanker. Halsoverkop brak ik mijn vakantie af om bij haar te kunnen zijn. Na die eerste longbloeding leefde Laura nog zevenentwintig dagen.

Ik heb mijn hoofdpersoon in dit boek precies dezelfde zevenentwintig dagen gegeven. Maar dat niet alleen: ik schrééf dit boek ook in zevenentwintig dagen. Ik wilde die tijd herbeleven, deels door de ogen van Laura. Ik voelde de druk van de deadline. Ik heb ervaren hoe het is als je nog maar zo weinig tijd hebt. Ik probeerde elke vrije minuut te schrijven, want ik wilde dat mijn hoofdpersoon nog zoveel mogelijk uit haar leven kon halen.’ (p. 257)

 

Maren Stoffels debuteerde als zeventienjarige in 2005 met Dreadlocks & Lippenstift (Leopold) waarmee ze in hetzelfde jaar zowel de Prijs van de Jonge Jury als de Debuutprijs won. Ze gold toen al als een veelbelovend talent. In 2009 werd zij in Elsevier opgenomen in de lijst van ‘Vijftig grootste beloften voor de toekomst’. Sindsdien zijn er vele boeken van haar verschenen.

Wat mij betreft, is Nog 27 dagen leven het beste wat ze tot nog toe schreef. Een prestatie van formaat, gelet ook op de korte tijdspanne waarin het tot stand kwam. Zonder valse emoties, ingetogen en met heel veel gevoel geeft de schrijfster een diepgravend, goed uitgewerkt psychologisch portret van de hoofdpersonen Lissa en Ellen. Stilistisch mooi en zorgvuldig, inhoudelijk gevoelig en ontroerend. De emoties en onzekerheden van de verhaalfiguren zijn authentiek neergezet. Wat ik met name knap vind, is dat Stoffels erin slaagt het verhaal ondanks de emotionele en dramatische lading nergens onnodig zwaar te maken. Een van de betere jeugdboeken die ik de laatste tijd las en een absolute aanrader voor lezers van dertien jaar en ouder.  


Update 23-09-2025

Zondag 21 september won Maren Stoffels de prijs van Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB): 'het Beste Boek voor Jongeren'. Nog 27 dagen leven werd gekozen uit vijf genomineerde boeken voor de categorie Oorspronkelijk Nederlandstalig.

'Het Beste Boek voor Jongeren' is een literaire prijs die boeken bekroont van hoge kwaliteit en die goed aansluiten bij de belevingswereld van jongeren. 


Stoffels, M. (2024) Nog 27 dagen leven. Amsterdam: Uitgeverij Leopold. Isbn 978 90 258 8797 1 € 21,99, 258 blz.

vrijdag 29 november 2024

Carry Slee - Afblijven – het stripboek

In 2022 verscheen er een stripboek van Spijt!, de klassieker van Cary Slee. Slee (Amsterdam, 1949) is een van de meest bekende jeugdboekenschrijvers van ons land. Ze won liefst tien keer de Prijs van de Nederlandse Kinderjury en vijf maal de Prijs van de Jonge Jury. Van haar boeken zijn meer dan vijf miljoen exemplaren verkocht.

Inmiddels is ook een andere bestseller van Slee verstript: Afblijven!

Melissa springt een gat in de lucht als ze mee mag dansen in een videoclip. Jordi, Melissa’s vriend, is ook razend enthousiast. Het is haar kans op een doorbraak in de danswereld. Al snel blijkt dat het niet goed gaat met Melissa. Om haar onzekerheid te verbergen en beter te kunnen dansen, gebruikt ze drugs. Dat loopt steeds meer uit de hand. Jordi voelt zich machteloos. Wat kan hij doen om Melissa te helpen?

Het scenario en de tekeningen zijn net als bij de stripversie van Spijt! weer van de hand van respectievelijk Ahman Resh en Ralf van der Hoeven.

Ook al volgt de strip het oorspronkelijke verhaal niet precies, de makers slagen er wel in de voornaamste verhaallijnen en de sfeer van deze klassieker over te brengen. De boodschap van Slee klinkt goed door: handen af van verdovende middelen, blijf gewoon jezelf!

Een aanrader voor jongeren die minder op hebben met lezen.


Slee, C. (2024) Afblijven – Het stripboek. Scenario Ahmad Resh, tekeningen Ralf van der Hoeven. Amsterdam: Carry Slee. Carry Slee is een imprint van Overamstel Uitgevers bv. Isbn 978 90 488 7178 0 € 9,99 48 blz.

donderdag 12 september 2024

Nadine Swagerman - De helft van mij

 

De Alkmaarse uitgever Kluitman lanceerde deze zomer de lijn ‘Jij doet ertoe’. In deze serie verschijnen boeken met belangrijke maatschappelijke en sociale thema’s, bedoeld voor diverse leeftijden. De boeken zijn te herkennen aan een eigen logo en bij elk boek zal er een lesbrief te downloaden zijn via de website van de uitgever.

De eerst verschenen titel in de reeks is de Young Adult-roman De helft van mij van Nadine Swagerman.

Verwarrende gevoelens
Sara woont samen met haar vader en hond Spot in een klein dorp waar nooit iets gebeurt. Als Sara voor school een opdracht krijgt die haar dwingt te kijken naar het verlies van haar moeder en de leegte die zij heeft achtergelaten, wordt haar zorgvuldig opgebouwde alles-gaat-oké-houding volledig overhoopgegooid.

Sara komt terecht in een draaikolk van vragen, gemis, verdriet en woede. Ze voelt zich alleen en totaal onbegrepen. Er is één iemand door wie ze zich wel gezien voelt: Jen. Maar wat moet ze met al die verwarrende gevoelens die omhoogkomen?

De helft van mij is een boeiend verhaal over het ontdekken van je innerlijk. Het is ook een geschiedenis over vriendschap, liefde en verlies. Swagerman geeft een goed uitgewerkt portret van de nog jonge hoofdpersoon die moet zien te dealen met het verlies van haar moeder en tegelijkertijd geconfronteerd wordt met de best wel complexe gevoelens die ze heeft voor Jen, een vriendin die ze ooit kende van de basisschool en die na een verhuizing plotsklaps terugkeert in haar leven. Zonder valse emoties werkt de schrijfster geleidelijk toe naar een voorspelbaar, maar passend en wensvervullend slot. Wat mij betreft een geslaagd boek, zeker ook  voor jongeren die worstelen met hun identiteit.

Nadine Swagerman
Nadine Swagerman (Medemblik, 1989) droomde er als zevenjarig meisje al van om schrijfster te worden. Ze stond in de finale van twee schrijfwedstrijden en in 2018 kwam haar droom uit toen haar debuut Eén waarheid bij uitgeverij Kluitman verscheen. Met dit boek heeft ze de Jonge Jury Debuutprijs 2019 gewonnen.

Haar andere boeken zijn Maar ik ben jou niet (2020), Aan de andere kant van geluk (2022) en Wat we niet zeggen (2022), eveneens bij Kluitman verschenen.


Swagerman, N. (2024) De helft van mij. Alkmaar: Kluitman b.v. Isbn 978 90 206 5261 1 € 18,99, 300 blz.

donderdag 20 oktober 2022

Jean-Claude Mourlevat - Jefferson

‘In het land waar dit verhaal zich afspeelt, wonen dieren die rechtop lopen, praten, naar de bibliotheek gaan, verliefd worden, elkaar berichtjes sturen en naar de kapper gaan. Het buurland wordt bewoond door mensen, de intelligentste van alle dieren.’ (p. 5)

Aldus de inleiding op een alleraardigst verhaal van de Fransman Jean-Claude Mourlevat.

Een korte samenvatting

De jonge, sympathieke egel Jefferson ten Bosch van Berckebeek geniet van een zorgeloos leven. Een bezoek aan de kapper – een das - voor de periodieke knipbeurt van zijn kuif zet zijn leven volledig op zijn kop. Aangekomen in kapsalon De Scherpe Schaar vindt hij de kapper languit op de grond. Dood, met een schaar in zijn borst. De enige getuige mevrouw Kristiansen, een hysterische geit, beschuldigt Jefferson van de moord.

In paniek gaat Jefferson er vandoor. Gelukkig kan hij rekenen op de onvoorwaardelijke steun van zijn beste vriend, het varken Gijsbert. Die overtuigt hem om niet bij de pakken neer te gaan zitten. Terwijl de kranten groots uitpakken over de moord op meneer Edgar de das en de politie koortsachtig op zoek is naar de moordenaar duikt Jefferson onder in een hut in een afgelegen hoek van het bos. Via Karolien, leerling-kapster en nichtje van Edgar, trekken de twee vrienden een spoor na dat leidt naar Stedeburg, een stad in het land van de mensen waar Edgar om vooralsnog onduidelijke redenen wekelijks enkele dagen verbleef. In de hoop de echte dader te kunnen ontmaskeren sluiten de twee vrienden zich aan bij een groepsreis naar de mensenstad. Daar aangekomen doen ze na enig speurwerk een gruwelijke ontdekking.

 Dit verhaal heeft werkelijk alles. Het is een boek om helemaal in op te gaan, spannend, origineel, vlot geschreven en doordrenkt met veel humor. De plot is sterk, wensvervullend, maar geeft je als lezer wel stof tot nadenken.

Mourlevat won met Jefferson de Astrid-Lindgren Memorial Prize, een belangrijke prijs voor jeugdliteratuur, ook wel de Nobelprijs voor Kinderliteratuur genoemd. In ons taalgebied werd deze prestigieuze prijs eerder gewonnen door Guus Kuijer en Bart Moeyaert in respectievelijk 20212 en 2019.

Uit het juryrapport: ‘Jean-Claude Mourlevat vernieuwt het traditionele sprookje op briljante wijze, met aandacht voor zowel gruwel als schoonheid… Hij behandelt grote thema’s als liefde, gemis, kwetsbaarheid en vriendschap in een zorgvuldige, maar tegelijk dromerige taal.’

Een absolute aanrader voor jonge leerlingen in de onderbouw, maar zeker ook onweerstaanbaar voor de wat oudere lezers.

 

Mourlevat, J. (2022) Jefferson. Oorspronkelijke titel: Jefferson. Vertaald door Lies Lavrijsen en Els Dumez-Blocken. Amsterdam: Uitgeverij Lannoo nv. Isbn  978 94 014 8496 1 € 16,99, 237 blz.

Jacques Vriens - Strijd om de kathedraal

De vader van Thies is een belangrijk man. Als bouwmeester heeft hij de leiding over de bouw van een kathedraal. De grootvader van Thies had ook al in die functie gewerkt aan dit grootse project dat Trichterbosch straks meer aanzien moet geven. Als Thies eenmaal volwassen is, ligt het voor de hand dat hij het werk van zijn vader voortzet. Maar Thies heeft daar helemaal geen zin in. Hij heeft andere plannen. Hij droomt van een toekomst als toneelspeler, iets wat hij zijn ouders nog niet heeft durven vertellen. Voorlopig volgt hij onderwijs bij de monniken in de plaatselijke abdij, de voornaamste geldschieters. Met tegenzin ondergaat Thies de vernederingen door de strenge broeder Daniël, om daarna weer troost te vinden bij de veel zachtaardiger broeder Wees die de scepter zwaait in de tuinen bij het klooster.

Op een dag ontmoet Thies Mette, een blind meisje. Ze is de dochter van Otto, een weduwnaar, die als sjouwer is aangesteld op de bouwplaats bij de kathedraal. Mette wil alles weten over het bijzondere gebouw en ze vraagt Thies het haar te beschrijven. Aanvankelijk ergert Thies zich aan de opdringerige Mette, maar na verloop van tijd gaat hij haar steeds meer waarderen en hij laat zich zelfs overhalen haar mee te nemen voor een riskante rondleiding op de hoge steigers rond de kathedraal.

Niet iedereen in Trichterbosch is blij met de komst van de kathedraal. De voormalige bewoners van het terrein waarop de kerk verrijst, hebben zich verenigd en aangevoerd door bedelmonnik Mattias wordt er geregeld gedemonstreerd. De protesten verharden zich en het ouderlijk huis van Thies moet op een zeker moment zelfs door de schout en zijn rakkers worden ontzet. Maar ook op de bouwplaats is het onrustig en er vinden sabotageacties plaats met uiteindelijk brand en zelfs een dodelijk ongeluk tot gevolg. De vader van Mette komt om het leven. Mette wordt overgebracht naar haar tante Rennewief die als hoerenmadame een herberg bestiert, even buiten de poorten van de stad. Zij deinst er zelfs niet voor terug haar jonge nichtje in te zetten als prostituee. Rennewief heeft daarbij echter niet gerekend op Thies, die zijn vriendin niet is vergeten. Dat betekent wel dat Thies zich de toorn van zijn vader op zijn hals moet halen.

Jacques Vriens, voormalig kinderboekenambassadeur (2013 – 2015), is een groot verteller die kan terugblikken op een tot nog toe succesvolle loopbaan als schrijver. Hij schreef talloze verhalen, vooral voor kinderen die op de basisschool zitten. Dat is niet vreemd wanneer je bedenkt dat Vriens jarenlang zelf werkzaam was als onderwijzer. Heel bekend zijn diens verhalen Achtstegroepers huilen niet (1999) en Oorlogsgeheimen (2007), beide verfilmd en ook bekend van de bewerkingen voor het theater. Strijd om de kathedraal verscheen eerder in 2012 bij dezelfde uitgever Van Holkema & Warendorf. Ook dit verhaal is weer bewerkt tot een theaterproductie. Op het moment van schrijven zijn de voorbereidingen in volle gang voor een groot theaterspektakel in Den Bosch in de open lucht waarbij het publiek zich letterlijk kan onderdompelen in de middeleeuwen.

De geschiedenis speelt zich af in de zomer van het jaar 1422. Alleen voor het laatste hoofdstuk maken we een tijdsprong en vernemen we hoe het de inmiddels volwassen geworden hoofdpersonen, Mette en Thies, dertig jaar later vergaat.

 Het taalgebruik van Vriens is vlot, beeldend en voor grote groepen leerlingen toegankelijk. Hier ligt meteen ook de grootste verdienste van het boek. Het verleden komt op een aansprekende manier tot leven en tussen de regels door komt de lezer in deze spannende jeugdroman veel aan de weet over het dagelijks leven van onze voorouders in de vijftiende eeuw. Daarnaast krijgen we een aardig beeld van de bouw van een kathedraal. Voorin het boek vinden we daartoe een schets van een dwarsdoorsnede van een kathedraal, door de hoofdpersoon qua vorm ook wel vergeleken met het lijf van een reus.

Een mooi, ontroerend verhaal over vriendschap en volwassen worden dat veel brugklassers zal bekoren.


Vriens, J. (2012, 2022) Strijd om de kathedraal. Amsterdam: Van Holkema & Warendorf,  imprint van Uitgeverij Unieboek | Het Spectrum. Isbn  978 90 003 8117 3  € 12,99, 192 blz.

vrijdag 20 mei 2022

Joris Chamblain en Aurélie Neyret - Het dagboek van Cerise

Cerise is elf jaar oud en het is haar ultieme droom om schrijfster te worden. Als klein meisje is ze daarom begonnen met het bijhouden van een dagboek. Daarin doet ze verslag van haar waarnemingen van mensen. Ze is ervan overtuigd dat iedereen een geheim heeft, ergens diep vanbinnen. Een geheim dat je maakt tot wie je bent. Cerise probeert vanuit haar observaties die geheimen te doorgronden in een poging de mensen zo beter te begrijpen.

Haar onderzoeken worden afwisselend weergegeven als strip en als handgeschreven dagboekfragmenten voorzien van tekeningen van de hand van de ik-persoon.

Op het moment van schrijven telt de serie Het dagboek van Cerise vijf delen. Alle boeken werden oorspronkelijk in het Frans uitgebracht. In het eerste verhaal, De stenen dierentuin, volgen Cerise en haar vriendinnen Lindsey en Erica meneer Vraagteken. Elke zondag duikt deze oude man het bos in met zware potten verf in zijn handen. Wat doet hij daar de hele dag? En waarom ziet hij er zo verdrietig uit als hij ’s avonds terugkomt? Uiteraard brengt het onderzoek van de meisjes zoals ook in alle andere delen uiteindelijk de waarheid aan het licht. Maar dat gaat niet vanzelf, daar gaat de nodige research van de verhaalfiguren aan vooraf.

Fragment deel 1 - De stenen dierentuin


De strips zijn zeker niet kinderachtig en stellen zo’n tachtig pagina’s lang absoluut eisen aan de leesvaardigheid van de lezer die geboeid blijft dankzij de betoverende illustraties van Aurélie Neyret en de vlot geschreven teksten van de bedenker van de reeks, scenarioschrijver Joris Chamblain. Mede dankzij de vele onverwachte wendingen en de scherpe blik van de hoofdpersoon vervelen de gebeurtenissen geen moment. De wereld van Cerise is er een waar mensen oog hebben voor elkaar, een luisterend oor bieden. Een wereld die niet wordt overheerst door de terreur van mobiele telefoons en spelcomputers. De kinderen spelen buiten, vermaken zich in een geheime hut verborgen ergens in het bos en zijn blij met weinig.

De volwassenen zijn echte, dikwijls kwetsbare mensen die dankzij de positieve aandacht van Cerise en haar vriendinnen opbloeien, door kunnen gaan met hun leven. Zoals in deel twee – Het boek van Hector - de oude mevrouw Ronsin die al twintig jaar lang elke week hetzelfde boek uit de bibliotheek leent. Waarom is dat boek zo belangrijk voor haar?

En in deel 3 – De laatste van de vijf schatten – Sandra die in haar boekbinderswerkplaats vol met oude boeken een niet gerestaureerd exemplaar bewaart. Waarom doet ze dat? Cerise, Lindsey en Erica zoeken het uit en proberen zo aan Sandra terug te geven wat ze jaren geleden is kwijtgeraakt.

Uitsnede deel 1 - De stenen dierentuin


D
e boeken zijn bij uitstek geschikt voor leerlingen in de brugklas.


Chamblain, J. en Aurélie Neyret (2021). Het dagboek van Cerise. Boek 1 – De stenen dierentuin. ‘s Hertogenbosch: Silvester Strips. Isbn 978 94 630 6552 8 € 9,95, 80 blz.

Andere delen: Boek 2 – Het boek van Hector; Boek 3 – De laatste van de vijf schatten; Boek 4 – De godin zonder gezicht; Boek 5 – De eerste sneeuw op de Perseïden.