vrijdag 20 mei 2022

Joris Chamblain en Anne-Lise Nalin - Dagboek van een maankind

Morgane, zestien jaar oud, is zeer tegen haar zin met haar ouders en broertje verhuisd. Ze is dan ook nauwelijks gemotiveerd de dozen uit te pakken en haar kamer in te richten. Wanneer er een fotolijstje van de vensterbank achter de radiator valt, ontdekt ze daar een dagboek. Het is geschreven door de zeventienjarige Max Lebuisson, een vorige bewoner. Uit diens voorwoord blijkt dat Max het dagboek expres had achtergelaten. Hij wil zijn verhaal graag delen met de vinder. Max lijdt aan de zeldzame ziekte Xeroderma pigmentosum. Daglicht is voor hem levensgevaarlijk. Hij is een ‘maankind’. Dat wil zeggen dat hij overdag alleen buiten kan komen wanneer hij zich middels een soort van astronautenpak goed beschermt tegen de uv-stralen van de zon. Die maken zijn huid kapot met als resultaat bruine vlekken en zelfs ernstige wonden.

Morgane raakt gefascineerd door het verhaal van Max. Vanaf het dak naast de schoorsteen probeert ze zich in te leven in de eenzame wereld van Max die daar in de hoogte een uitkijkplek voor zich zelf had ingericht en als nachtmens de maan en de omgeving bewonderde. In gedachten voert ze hele gesprekken met hem. Naarmate ze verder leest in het dagboek wordt niet alleen duidelijker welke impact de ziekte van Max heeft op hem en zijn familie, maar groeien ook de gevoelens van Morgane voor de mysterieuze jongen. Samen met haar beste vriendin Lucie besluit ze Max op te sporen …

 

Uitsnede pagina 15

Dagboek van een maankind is geschreven door dezelfde schrijver als die van de dagboeken van Cerise, Joris Chamblain. Ook hier overheerst, ondanks de heftigheid van het thema, het optimisme. Nergens wordt de geschiedenis echt zwaar. Op die manier lukt het de schrijver de problematiek van Max en zijn slopende ziekte op een overtuigende, sympathieke manier inzichtelijk te maken zonder de jongen als een totale zonderling te portretteren.

De tekeningen van Anne-Lise Nalin zijn van een grote schoonheid. De warme en zachte kleuren waarmee die zijn ingekleurd dragen in belangrijke mate bij aan de bijzondere sfeer van het verhaal dat ontroert en vermaakt.

De uitgever en de auteurs hebben besloten een deel van de opbrengst te doneren aan ‘Enfants de la Lune’, een Franse organisatie die zonder enig winstoogmerk opkomt voor de belangen van XP-kinderen en die in het boek ook een rol speelt. 

Een aanrader voor leerlingen vanaf leerjaar twee in het voortgezet onderwijs.


Chamblain, J. en Anne-Lise Nalin (2021). Dagboek van een maankind. Gerpinnes: Uitgeverij Kennes. Isbn 978 94 640 0621 6 € 12,95, 57 blz.

Joris Chamblain en Aurélie Neyret - Het dagboek van Cerise

Cerise is elf jaar oud en het is haar ultieme droom om schrijfster te worden. Als klein meisje is ze daarom begonnen met het bijhouden van een dagboek. Daarin doet ze verslag van haar waarnemingen van mensen. Ze is ervan overtuigd dat iedereen een geheim heeft, ergens diep vanbinnen. Een geheim dat je maakt tot wie je bent. Cerise probeert vanuit haar observaties die geheimen te doorgronden in een poging de mensen zo beter te begrijpen.

Haar onderzoeken worden afwisselend weergegeven als strip en als handgeschreven dagboekfragmenten voorzien van tekeningen van de hand van de ik-persoon.

Op het moment van schrijven telt de serie Het dagboek van Cerise vijf delen. Alle boeken werden oorspronkelijk in het Frans uitgebracht. In het eerste verhaal, De stenen dierentuin, volgen Cerise en haar vriendinnen Lindsey en Erica meneer Vraagteken. Elke zondag duikt deze oude man het bos in met zware potten verf in zijn handen. Wat doet hij daar de hele dag? En waarom ziet hij er zo verdrietig uit als hij ’s avonds terugkomt? Uiteraard brengt het onderzoek van de meisjes zoals ook in alle andere delen uiteindelijk de waarheid aan het licht. Maar dat gaat niet vanzelf, daar gaat de nodige research van de verhaalfiguren aan vooraf.

Fragment deel 1 - De stenen dierentuin


De strips zijn zeker niet kinderachtig en stellen zo’n tachtig pagina’s lang absoluut eisen aan de leesvaardigheid van de lezer die geboeid blijft dankzij de betoverende illustraties van Aurélie Neyret en de vlot geschreven teksten van de bedenker van de reeks, scenarioschrijver Joris Chamblain. Mede dankzij de vele onverwachte wendingen en de scherpe blik van de hoofdpersoon vervelen de gebeurtenissen geen moment. De wereld van Cerise is er een waar mensen oog hebben voor elkaar, een luisterend oor bieden. Een wereld die niet wordt overheerst door de terreur van mobiele telefoons en spelcomputers. De kinderen spelen buiten, vermaken zich in een geheime hut verborgen ergens in het bos en zijn blij met weinig.

De volwassenen zijn echte, dikwijls kwetsbare mensen die dankzij de positieve aandacht van Cerise en haar vriendinnen opbloeien, door kunnen gaan met hun leven. Zoals in deel twee – Het boek van Hector - de oude mevrouw Ronsin die al twintig jaar lang elke week hetzelfde boek uit de bibliotheek leent. Waarom is dat boek zo belangrijk voor haar?

En in deel 3 – De laatste van de vijf schatten – Sandra die in haar boekbinderswerkplaats vol met oude boeken een niet gerestaureerd exemplaar bewaart. Waarom doet ze dat? Cerise, Lindsey en Erica zoeken het uit en proberen zo aan Sandra terug te geven wat ze jaren geleden is kwijtgeraakt.

Uitsnede deel 1 - De stenen dierentuin


D
e boeken zijn bij uitstek geschikt voor leerlingen in de brugklas.


Chamblain, J. en Aurélie Neyret (2021). Het dagboek van Cerise. Boek 1 – De stenen dierentuin. ‘s Hertogenbosch: Silvester Strips. Isbn 978 94 630 6552 8 € 9,95, 80 blz.

Andere delen: Boek 2 – Het boek van Hector; Boek 3 – De laatste van de vijf schatten; Boek 4 – De godin zonder gezicht; Boek 5 – De eerste sneeuw op de Perseïden.

zaterdag 7 mei 2022

Floor de Goede e.a. - Bestemming: Canada

 

Stel je eens voor: meer dan een miljoen Canadezen hebben Nederlandse voorouders. Dit betekent dat vele Nederlanders familie hebben wonen in Canada. Wanneer, waarom en hoe verlieten die destijds hun geboortegrond? Wat waren hun verwachtingen en kwamen die uit? Kortom: wat zijn hun verhalen? In de graphic novel Bestemming: Canada komen tien migranten aan het woord. Samen schetsen ze een bijzonder beeld van het nieuwe leven dat de eerste generatie immigranten opbouwde in de wildernis of in de opkomende steden van het uitgestrekte Canada. Het zijn stuk voor stuk aangrijpende en zonder uitzondering persoonlijke documenten van mensen die ‘the big move’ waagden. Hun verhalen werden op een artistieke en vooral ook toegankelijke manier verbeeld door verschillende stripauteurs, ieder in zijn eigen karakteristieke stijl.

Het boek kwam tot stand in opdracht van de Nederlandse consul in Canada. Die benaderde Aimée de Jongh en zij wist op haar beurt een team samen te stellen met klinkende namen als Hanco Kolk (1957), Paul Teng (1955), Floor de Goede (1980) en Mei-Li Nieuwland (1988).

De tien beeldverhalen worden voorafgegaan door een korte inleiding met daarin een tijdlijn over de migratie naar Canada door de jaren heen. In het slot vinden we een goed gedocumenteerd essay over de naoorlogse emigratie naar Canada door John M. van Immerseel, schrijver van het boek For a better life (2019) over de geschiedenis van de Nederlandse emigratie vanuit de Rotterdamse haven richting Québec.

Een prachtig en waardevol document voor jong én oud dat in geen enkele boekenkast zal misstaan!

Mei-li Nieuwland, Tayebeh Farooqi-Wahedi

Goede, F. de, en anderen (2022). Bestemming: Canada. Amsterdam: Scratch Books. Isbn 978 94 931 6655 4 € 27,50, 136 blz.


Lida Dijkstra - Schaduw van Toet

2022 is het jaar dat precies honderd jaar geleden het graf van Toetanchamon werd ontdekt, de farao die dankzij de goed bewaarde schatten wereldberoemd werd. Lida Dijkstra dompelt ons onder in de wereld van het oude Egypte en schreef met Schaduw van Toet een meeslepend verhaal over het leven van Toet (Toetanchamon) die, zoals bekend, niet erg oud werd. Het interessante is dat zij dit doet vanuit het perspectief van diens halfzusje Amany (voluit Anchesenamon), dochter van de wonderschone Nefertiti en farao Achnaton aan wiens hof ze opgroeide. Ondanks de luxe van een mooi nieuw paleis is haar leven niet gemakkelijk. Haar vader maakt zich niet geliefd bij het volk en haar opa heeft honger naar macht. Amany heeft al vijf zusjes als ze er een halfbroertje bij krijgt: Toetanchamon, een zwak jongetje met een scheef voetje, de toekomstige farao van Egypte.

Ze werpt zich op als zijn beschermer en leert hem alles wat hij moet weten om in leven te blijven. Als een schaduw leeft ze aan zijn zij en alles lijkt goed te gaan. Tot het noodlot toeslaat en haar eigen leven in groot gevaar is.

Dijkstra schreef een meeslepend verhaal over mensen en goden, list en bedrog, goud en armoede, maar bovenal over een doortastend en moedig meisje dat haar eigen weg zoekt in een tumultueuze tijd vol gevaar. De sublieme illustraties zijn gemaakt door Djenné Fila die diverse materialen gebruikte om het oude Egypte tot leven te brengen. Dit is niet de eerste keer dat Dijkstra en Fila hun talenten bundelen. Eerder werkten ze samen aan de totstandkoming van Het beest met de kracht van tien paarden (2019) een hervertelling voor jong en oud over Theseus en de Minotaurus.

Een juweel van een verhaal, in beeld en tekst, dat het verdient om gelezen te worden.


Dijkstra, L. (2021). Schaduw van Toet. Illustraties van Djenné Fila. Amsterdam: Uitgeverij Luitingh-Sijthoff. Isbn 978 90 245 9578 5 € 18,99, 160 blz.

Els Pelgrom - De eikelvreters

2022 is het jaar van Els Pelgrom. De schrijfster die op 2 april de leeftijd van 88 jaar bereikte, is dan wel bejaard, maar bepaald nog niet afgeschreven en al helemaal niet uitgeschreven. Op het moment van schrijven ziet eenieder reikhalzend uit naar de verschijning van een gloednieuw jeugdverhaal van deze veelbekroonde auteur: Het levende hoofd. En Luitingh-Sijthoff brengt het werk van Els – dit jaar zestig jaar schrijfster - als eerbetoon opnieuw uit. Zo verscheen eind maart een heruitgave van de klassieker De eikelvreters (1989), gestoken in een eigentijds jasje. Dit boek is net als De kinderen van het achtste woud (1977) en Kleine Sophie en Lange Wapper (1984) bekroond met een Gouden Griffel.

Els die enige tijd in Spanje woonde, schreef het verhaal aanvankelijk met haar tweede man Salvador op basis van diens jeugdherinneringen en na diens overlijden alleen. Het is een magistrale geschiedenis over armoede en veerkracht tegen het decor van het zuiden van Spanje vlak na de burgeroorlog. De hoofdpersoon is de achtjarige Curro, een straatarme Andalusische jongen die opgroeit in de jaren veertig en zijn school niet kan afmaken, omdat hij moet gaan werken als varkenshoeder. Zijn familie woont in een grot aan de voet van een berg en moet werkelijk elke cent bij elkaar schrapen om te overleven. Ook Curro lijdt onder de armoede. Hij is zo hongerig dat hij naar eikels zoekt om te eten. Vindingrijk bedenkt hij telkens weer een of ander handeltje. Vol optimisme vertelt hij over zijn leven. Over de zigeunermuziek waar hij zich aan kan warmen, over de arme dorpsgenoten die voor eikelvreters worden uitgemaakt en over zijn eerste verliefdheid. Hoewel hij elke dag weer op zoek moet naar eten, bezit hij iets wat onbetaalbaar is: het talent om uit de kleinste dingen geluk te putten.

Deze nieuwe uitgave kreeg een schitterende omslagillustratie van illustrator Ludwig Volbeda en is helemaal klaar voor een nieuwe generatie lezers.

Een fascinerend leesboek dat op geen leeslijst mag ontbreken!


Pelgrom, E. (2022). De eikelvreters. Amsterdam: Uitgeverij Luitingh-Sijthoff. Isbn 978 90 245 9732 1 € 17,99, 208 blz.

Inez van Loon - De voorlezer van de sultan

Inez van Loon heeft een voorkeur voor verhalen die zich afspelen in het verleden. Ze heeft veel gereisd en na een bezoek aan het Topkapi Paleis in Istanbul rijpte bij haar de gedachte te schrijven over de harem in de nadagen van het Ottomaanse rijk aan het begin van de vorige eeuw.

Zo ontstond De voorlezer van de sultan waarvoor Van Loon vooraf de nodige research deed. Ze voert ons mee naar het einde van de regeringsperiode van sultan Abdülhamid II, die leefde van 1876 tot1909.

De sultan woont in grote weelde in zijn paleis in Constantinopel (het tegenwoordige Istanbul), waar men al eeuwenlang vasthoudt aan dezelfde Ottomaanse tradities. Lilit, een meisje van de Anatolische hoogvlakte en Bilal, een jongen uit de Afrikaanse woestijn belanden tegen hun zin in de harem van de sultan. Ze worden beste vrienden. De harem is een gouden kooi en vooral ook een web van intriges. Iedereen dingt er naar de gunst van de sultan, behalve Lilit. Ze snakt naar een vrij leven, droomt van de wind door haar haren en de zon op haar gezicht.

Zie hier de ingrediënten voor een avontuurlijke geschiedenis met natuurlijk als voornaamste vraag: slagen de twee jongeren erin hun vrijheid te heroveren? Het antwoord laat zich raden. Maar voordat het zover is, slaagt Inez erin de lezer aangenaam te verpozen met een verslavende (let op de woordspeling) mix van fictie en historische werkelijkheid. Daarbij besteedt ze de nodige aandacht aan de gedachten en de gevoelens van de verhaalfiguren die daardoor voor de lezer echt gaan leven, loskomen van het papier.

Wat kan die Van Loon toch voortreffelijk schrijven! Weer zo’n fascinerend leesboek waarbij je je werkelijk geen moment verveelt. Samen met de helaas te jong overleden Rob Ruggenberg mag Inez zich mijns inziens rekenen tot de absolute top van auteurs van historische fictie voor jongeren in ons land.

Een aanrader voor lezers van twaalf jaar en ouder.


Loon, I. van (2022). De voorlezer van de sultan. Hasselt – Alkmaar – New York: Clavis Uitgeverij. Isbn 978 90 488 4486 3 € 16,95, 242 blz.

donderdag 24 februari 2022

Tjibbe Veldkamp - Tiffany Dop

Tiffany Dop verscheen voor het eerst in 2009 bij Lemniscaat. De auteur, Tjibbe Veldkamp, won er een jaar later een Zilveren Griffel mee.

Onlangs verscheen bij dezelfde uitgever een herziene uitgave van deze onvergetelijke geschiedenis, gehuld in een eigentijds jasje. De illustratie van Erik Faas met daarop het silhouet van een stoer meisje dat met gebalde vuist laat weten dat ze de hele wereld aan kan, past stukken beter bij het verhaal dan de nogal zoetsappige foto op het omslag van de eerste editie.

Geen makkelijk leven

De eerste zinnen van het boek trekken de lezer onmiddellijk in het verhaal.

Ik was dertien en wilde een baby. Ik trok de deur van de flat achter me dicht en dacht: als ik straks thuiskom ben ik zwanger. (…) Ik had nooit geweten dat ik dat wilde. Eigenlijk was het ook niks voor mij. Ook kinderen die niet zelf met mij gevochten hadden, kenden mijn naam: Tiffany Dop, bats veur de kop. (p. 5)

Tiffany Dop heeft bepaald geen makkelijk leven. Sheila, haar moeder, ontvangt in haar flat mannen en bedrijft tegen betaling met hen de liefde. Zij bekommert zich nauwelijks om haar kinderen. Tiffany heeft nog twee criminele halfbroertjes, Danny en Bruce, die hun zus respecteren vanwege het feit dat ze behoorlijk van zich af kan slaan. Daaraan ontleent Tiffany ook haar bijnaam: ‘bats veur de kop’. Tiffany is rijk. In een bergplaats bewaart ze een trommel met daarin een dikke vierenveertighonderd euro. Ze heeft het geld in het grootste geheim geërfd van juf Daan van de basisschool en gebruikt het zonder argwaan te wekken voor onvoorziene uitgaven. Nadat Tiffany in een winkelgebied op uitnodiging van een vreemde vrouw even haar kindje heeft mogen vasthouden, wordt ze overvallen door een gelukzalig gevoel:

Ineens snapte ik wat ik had. Ik voelde liefde. (p. 21)

Tiffany weet het zeker. Het hebben van een eigen kind zal haar gelukkig maken en zo uitzicht bieden op een beter leven. Ze gaat daarom op zoek naar een man die haar zwanger kan maken. Ze schaft kleren aan die haar vrouwelijker maken en maakt Sheila wijs dat ze die gestolen heeft. In de bibliotheek ontmoet ze Olivier. Hij is niet bereid aan haar kinderwens mee te werken, maar wil wel bemiddelen. Voor een bedrag van drieëndertig euro vijfennegentig zal hij een relatie inschakelen. Tiffany doet er echter verstandig aan deze ‘seksmachine’ te bezoeken op het moment dat ze in haar menstruele cyclus het meest vruchtbaar is. Tot die tijd doet de nieuwe Tiffany Dop alvast van zich spreken. Ze is veel rustiger en ze bekommert zich zowaar om Danny die zijn pols heeft gebroken. Ook betaalt ze een zekere Harris Boerema de forse schuld van haar ondergedoken broers terug. Ondertussen meent Sheila dat haar dochter de hoer uithangt en ze wil daar maar al te graag van meeprofiteren. Op de dag dat Tiffany het meest vruchtbaar is, blijkt haar seksdate op niets uit te lopen. Olivier heeft haar bewust misleid om haar zo te  behoeden voor een mogelijke zwangerschap. Tiffany belandt op het politiebureau waar haar broers worden verhoord omdat die Harris hebben mishandeld. Inmiddels weet Sheila dat Tiffany beschikt over veel geld en ze eist ‘haar deel’ op. Als Tiffany weigert, sluit ze haar op en eist dat ze haar betaalt door zichzelf te prostitueren. Zodra een eerste man zich meldt, slaat Tiffany haar moeder neer en gaat er vandoor. Ze zoekt een veilig onderkomen bij Olivier voor wie ze gaandeweg steeds meer genegenheid heeft opgevat. Samen reizen ze naar Terschelling waar Oliviers tante Odette een vakantiehuisje bewoont. Telefonisch contact met Sheila stelt haar gerust. Ze heeft haar moeder niet vermoord. Het geeft ook duidelijkheid. Haar moeder wil niets meer met haar te maken hebben. En dus verlaat ze definitief het huis.

In een leven zonder Sheila, Danny en Bruce kon ik worden wie ik wilde. Met of zonder baby. (p. 118)

Tragisch, meeslepend en hilarisch

Tiffany Dop ontroert en raakt de lezer recht in het hart. Het verhaal is zo geschreven dat je alle gebeurtenissen meemaakt door de ogen van Tiffany. Dat maakt dat je je prima kunt inleven in het innerlijk van de hoofdpersoon.

Ondanks alle misère en tegenslagen slaagt Tiffany erin zichzelf te blijven en zich geleidelijk te ontworstelen aan haar ellendige thuissituatie. Veldkamp geeft een goed uitgewerkt psychologisch portret van de hoofdpersoon in een verhaal dat tragisch, meeslepend en bij vlagen ook weer hilarisch verloopt.

Het is knap dat Veldkamp in dit op zich heftige relaas nergens onnodig problematiseert. Het verteltempo blijft aangenaam vlot. Vooral stilistisch toont Veldkamp zijn vakmanschap. Zijn taalgebruik is krachtig, steeds verzorgd, beeldend en voor grote groepen leerlingen toegankelijk. Wat te denken van zinnen als:

Het werd licht. Vroege zonnestralen schenen door de gordijnen en toverden de kamer oranje. De vogels kwetterden nog harder dan net, met z’n allen door elkaar. Ik wilde een baby. Het was heerlijk om dat te weten. En het gaf me meteen iets te doen vandaag. (p. 31)

Het boek speelt zich in z’n geheel af in Groningen, de woonplaats van de schrijver. In de flat waar Tiffany woont (zie illustratie) heeft hij zelf jarenlang gewoond.

‘Ik weet hoe de vuilstortkoker ruikt. En wat ik interessant vond: toen ik het boek bijna afhad kwam in het nieuws dat in Amerika een aantal (ik geloof 17) meisjes van één school, waaronder meisjes van 14, 15 en 16 expres zwanger was geworden - een van hen kreeg een kind van een zwerver. Dus het gebeurt!’

Flat Tiffany Dop

De verschillen

Ik vroeg de schrijver naar de verschillen die er zijn tussen deze herziene editie en de eerste uitgave in 2009.

‘Het verhaal is hetzelfde gebleven. Alleen keek Tiffany in de vorige versie naar porno op dvd's, tegenwoordig vind je dat op internet. Er werd in de vorige versie gesproken over 'mobiele telefoons', tegenwoordig noem je zo'n ding gewoon een 'telefoon'. Er werd in het boek ook een keer gebeld met een munttelefoon, tegenwoordig zijn die uit het straatbeeld verdwenen. Afijn, dit soort dingen zijn aangepast, in de hoop dat het lijkt alsof het verhaal in 2022 zou kunnen spelen.

Er was één spannender aanpassing. In de vorige versie verklaarde een personage, Waailap, meermaals dat hij 'negroïde tandvlees' had (iets wat een onbekende naast wie ik toevallig een keer aan tafel was beland mij vertelde en in mijn hoofd was blijven hangen). De vraag was of het nog wel correct wordt gevonden om dit bijvoeglijke naamwoord te gebruiken. We hebben besloten het woord weg te halen, ook omdat dit een goed effect had. In de nieuwe versie zegt Waailap steeds: 'Ik heb tandvlees', waarmee hij, naar mijn smaak, laat doorschemeren in een eigen wereld te leven, wat precies was zoals ik hem wilde neerzetten.’

Tjibbe Veldkamp, geboren in Groningen (1962), is een getalenteerd en bovenal veelzijdig schrijver. Vanaf het begin van de jaren negentig verschijnen van zijn hand in een gestaag tempo verhalen voor verschillende leeftijdsklassen. En dat zijn bepaald niet de minste boeken! Zijn werk valt geregeld in de prijzen. Behalve voor Tiffany Dop waren er ook Zilveren Griffels voor Agent en Boef (2009),  Kom uit die kraan! (2016), Handje (2018), Maar eerst ving ik een monster (2022).

 

Tiffany Dop is in deze vernieuwde vorm klaar voor een volgende generatie lezers. Ik zou zeggen: zeer de moeite waard voor leerlingen in de onderbouw.

 

Omslag eerste editie 2009

Veldkamp, T. (2021) Tiffany Dop. Rotterdam: Lemniscaat b.v. ISBN 978 90 477 1367 8  €14,99, 118 blz.