woensdag 12 augustus 2020

Ben Davis - Alles wat ik nog met Gizmo wil doen

Ik begraaf mijn neus in Gizmo’s kriebelige vacht en sla mijn armen om hem heen. Op een dag, binnenkort, kan ik hem niet meer knuffelen of uitlaten. Ik moet Gizmo een laatste, onvergetelijke tijd bezorgen.

De dertienjarige Lukas heeft het niet makkelijk. Zijn ouders zijn uit elkaar en sindsdien heeft hij last van paniekaanvallen. Lukas is gestart  op de middelbare school en hij ervaart dat het leven van een brugpieper best ingewikkeld is, zeker als het aankomt op het aangaan en onderhouden van vriendschappen. Lukas lijkt steeds de verkeerde keuzes te maken. En zijn beste vriend Max gedraagt zich plotseling totaal anders. Hij kiest partij voor de meer populaire jongeren in de klas, een vervelend groepje dat er blijkbaar behagen in schept Lukas voortdurend te kleineren en hem belachelijk te maken.

Gelukkig krijgt Lukas onvoorwaardelijke steun van Gizmo, een kruising borderterriër. Maar Gizmo is al oud, veertien jaar om precies te zijn. Als Gizmo gevloerd wordt door een stevige infectie lukt het de dierenarts nog om die met antibiotica te bedwingen. Maar hij heeft ook minder goed nieuws. Gizmo’s kwaliteit van leven zal vanaf nu snel achteruitgaan. ‘Dus maak er nog wat moois van met hem’, zo luidt de boodschap van de arts.

Dat brengt Lukas op het idee een bucketlist op te stellen voor zijn hond, om samen leuke dingen te gaan doen. Zo wil hij nog een keer kamperen, nog één avontuur beleven als wonderjongen en wonderhond (personages gebaseerd op Lukas en Gizmo), een ijsje eten, naar een feest gaan en de grote heuvel aan de andere kant van de stad beklimmen. Maar misschien is de bucketlist er ook wel een beetje voor Lukas zelf, om uit te vinden hoe hij straks verder moet zonder zijn maatje…

Ben Davis schreef grappen en sketches voor radioprogramma’s voordat hij schrijver werd van jeugdboeken. Hij woont met zijn vrouw en zoon in Staffordshire (Verenigd Koninkrijk). Net als Lukas heeft Ben zelf ook een bijzondere hond: Tommie, die deels model stond voor Gizmo.

Alles wat ik nog met Gizmo wil doen is een hartverwarmend relaas over de innige band tussen een jongen en zijn hond. Het verhaal is ontroerend en hilarisch tegelijkertijd. De schrijver laat op een knappe en integere manier zien dat humor een krachtig wapen is in de strijd tegen verlies en verdriet.

Een aardige vondst zijn de telkens terugkerende beschouwingen in het boek, opgetekend vanuit het perspectief van Gizmo. Zo maakt Davis de lezer deelgenoot van de gedachten van Lukas’ hond en dat geeft de geschiedenis een hele bijzondere sfeer. Wat mij betreft een absolute aanrader voor jong en oud!

Op YouTube staat overigens een alleraardigst filmpje waarin Ben Davis zelf alle dingen van de bucketlist doet met zijn hond. Zoek op ‘what's that in dog years ben davis’.


Davis, B. (2020) Alles wat ik nog met Gizmo wil doen. De bucketlist van mijn hond. Oorspronkelijke titel: What’s That in Dog Years? Vertaling: Emiel de Wild. Amsterdam: Uitgeverij Leopold. Isbn 978 90 258 7887 0 € 17,99, 216 blz.


Inez van Loon - Sara's walkabout

Saar, de dertienjarige hoofdpersoon in Sara’s walkabout vertrekt met haar ouders in 1959 naar Australië. Tot ongenoegen van Saar, want die heeft het in Nederland uitstekend naar haar zin met een leuke vriendengroep en mooie schoolresultaten.

Aangekomen in ‘down-under’  blijkt al snel dat het geluk en de welvaart de nieuwkomers niet komen aanwaaien. Het is heel hard werken voor Saars ouders om de eindjes aan elkaar te knopen. Ondertussen moet Saar zich als ‘Dutchie’ zien te handhaven op een school waar niet alleen de taal, maar ook de regels compleet anders zijn dan ze gewend was.

Gelukkig ontmoet ze Otis, een ‘halve’  Aboriginaljongen, die vanwege zijn afkomst als geen ander weet hoe het voelt om buitengesloten te worden. Er ontwikkelt zich een vriendschap tussen de twee. Otis is door de autoriteiten zoals duizenden andere kinderen uit een gemengd huwelijk weggehaald bij zijn familie om ‘op de blanke manier’ te worden heropgevoed.

Saar komt in de uitgestrekte outback steeds meer aan de weet over Otis’ verleden en ze leert met vallen en opstaan tegelijkertijd ook zichzelf beter kennen.

Inez van Loon kiest in haar boeken steevast voor een vrouwelijke hoofdpersoon. Haar vrouwen zijn niet alleen behoorlijk ondernemend ingesteld, maar ze weten bovendien van geen opgeven. Zoals de hoofdpersoon in Mathilda, ik kom je halen (Clavis, 2018), gebaseerd op het leven van Van Loons Vlaamse grootmoeder. Voor dit historisch verhaal is de schrijfster op het moment van schrijven genomineerd voor de Thea Beckman prijs.

Sara’s walkabout is een voortreffelijk verhaal, geheel geschreven vanuit de ogen van een dertienjarige zoals de wereld er in de jaren vijftig uitzag. Vooraf deed Van Loon grondig research naar de ervaringen van Nederlandse immigranten in Australië. Het boek is voorzien van een verklarende woordenlijst, alsmede een uitgebreid nawoord waarin de schrijfster haar verhaal voorziet van achtergrondinformatie.

 

Loon, I. van (2020) Sara’s walkabout. Hasselt – Alkmaar – New York: Clavis Uitgeverij. Isbn 978 90 448 3869 5  € 16,95, 222 blz.

Katherine Rundell - Sophie op de daken

Katherine Rundell (Kent, 1987) staat bekend als een van de belangrijkste Britse kinderboekenauteurs van dit moment. In ons land kennen we haar van  Feo en de wolven (Luitingh-Sijthoff, 2018) en De ontdekkingsreiziger (Luitingh-Sijthoff, 2019).  Rooftoppers (2013) was haar debuut en het werd in haar geboorteland bekroond met de prestigieuze Blue Peter Book  Award en de Waterstones Children's Book Prize. Het wachten was op de Nederlandse vertaling en die ligt er nu onder de titel Sophie op de daken.

Sophie overleefde als baby een schipbreuk en iedereen denkt dat ze wees is. Maar Sophie herinnert zich nog dat haar moeder om hulp zwaaide toen Sophie in een cellokist in het Kanaal dreef. Volgens haar voogd is het bijna onmogelijk dat haar moeder nog leeft. Maar ‘ bijna onmogelijk' betekent ‘nog mogelijk', vindt Sophie. Met de enige aanwijzing die ze heeft – het adres van de cellomaker – vlucht Sophie naar Parijs. Daar krijgt ze hulp van Matteo en zijn ‘daklopers’, die in geheime plekken boven de stad wonen. Maar kunnen ze haar moeder vinden voordat Sophie wordt opgepakt door de autoriteiten? Of, nog belangrijker, voordat ze de hoop opgeeft?

Rundell verrast ons met een meeslepend relaas over familie en doorzettingsvermogen, een magisch verhaal over een meisje in het Parijs van de twintigste eeuw.

Sophie is een stoere meid. Ze laat zich door niemand de kaas van het brood eten en ze is, tot ongenoegen van de autoriteiten en wars van conventies, vastbesloten haar eigen plan te trekken en haar moeder op te sporen.

Dit onderhoudende boek is heel geschikt voor jongere lezers in de brugklas, vooral ook de leerlingen met wat minder leeservaring.

 

Rundell, C.S. (2020) Sophie op de daken. Originele titel: Rooftoppers. Vertaald uit het Engels door Jenny de Jonge. Amsterdam: Uitgeverij Luitingh-Sijthoff. Isbn 978 90 245 8090 3 € 17,99, 215 blz.

Rob Ruggenberg - Offerkind

Eind vorig jaar overleed op 73-jarige leeftijd Rob Ruggenberg (Wassenaar, 1946). Als journalist werkte hij voor diverse dagbladen. Vanaf 2006 legde hij zich volledig toe op het schrijven van jeugdverhalen. Na zijn debuut Het verraad van Waterdunen (Querido, 2006) over de Tachtigjarige Oorlog volgden meerdere, veelal uitstekend beoordeelde historische romans. Offerkind is Ruggenbergs nieuwste en misschien ook beste boek. Hij voltooide het verhaal tragisch genoeg nog juist voor zijn overlijden.

De lugubere vondst van een massagraf uit de bronstijd, onderaan de oude duinen in zijn geboorteplaats Wassenaar, inspireerden Rob Ruggenberg tot het schrijven van Offerkind. Het is een plek waar hij als kind graag speelde. Onderzoek wees uit dat de twaalf kinderen en volwassenen in het graf ruim vierduizend jaar geleden met geweld om het leven waren gebracht. Voor een verteller als Ruggenberg lag hier natuurlijk een uitgelezen kans voor een mooi verhaal.

Over het verhaal Offerkind

Aïn is op de vlucht om aan een zware straf te ontlopen. Langs dreigende grafheuvels, door gevaarlijke moerassen en over wilde rivieren is ze op weg naar de zee. Ver weg aan de kust hoopt ze veilig te zijn. Een meisje alleen immers kan niet overleven in het Nederland van vierduizend jaar geleden, dus is ze blij dat Kraai met haar is mee gevlucht. Kraai voelt zich een buitenstaander omdat zijn vader van een andere stam is en hij er anders uitziet. Samen moeten ze uit handen blijven van een jongensbende en moerasmensen die kinderen offeren. Komen ze ooit aan bij de zee? Overleven Kraai en Aïn de wraak van de moerasgodin?

Zijn journalistieke achtergrond kwam Ruggenberg goed van pas bij het verzamelen van achtergrondinformatie voor de boeken die hij schreef. Zijn verhalen berustten altijd op historische informatie, waargebeurde feiten, die hij voorzag van een saus met als belangrijke ingrediënten spanning, actie en avontuur.

Ook Offerkind is weer een prachtig verhaal, een  fascinerende geschiedenis met een charismatische hoofdpersoon. Aïn is een zelfbewust meisje, een krachtige persoonlijkheid. De gebeurtenissen laten je geen moment  los en je blijft lezen omdat je wilt weten hoe het afloopt. Ruggenberg spaart de lezer niet als het gaat om de beschrijving van talloze gruwelijkheden.  Daarmee rekent hij genadeloos af met alle bestaande beelden van de zogenaamde vredige bronstijd.

Het is zuur dat er met deze uitgave een einde is gekomen aan het talent van een mooi mens. Wat rest zijn de tijdloze verhalen van een briljant verteller.

 

Ruggenberg, R. (2020) Offerkind. Amsterdam - Antwerpen: Em. Querido’s Uitgeverij. Isbn  978 90 451 2440 7  € 16,99, 294 blz.

woensdag 5 augustus 2020

Een vlucht uit de werkelijkheid. Lezen om te ontsnappen aan de waan van de dag

Dit artikel verscheen eerder in mijn rubriek over jeugdliteratuur in 'Levende Talen Magazine', het vijfde nummer van deze jaargang, mei 2020. 

Op het moment dat ik deze woorden typ, wordt ons dagelijks leven volledig beheerst door de wereldwijde crisis rond corona. Onder meer de scholen zijn dicht en we doen ons best de leerlingen op afstand te betrekken bij ons vakgebied. Dat valt nog niet mee. Je merkt dat opgroeiende jongeren in de war raken door de ware stortvloed van corona-nieuwsberichten. Eenzaamheid, depressieve gedachten en gevoelens van onzekerheid liggen op de loer. Dan is het fijn, maar ook nodig je hoofd leeg te maken. Een goed geschreven, spannend verhaal kan uitkomst bieden. Heerlijk wegdromen, jezelf aangenaam verliezen in een totaal andere wereld.

Ik bestudeerde de inhoud van mijn boekenkast en koos voor verhalen die de fantasie in hoge mate prikkelen. Verhalen ook die niet onnodig problematiserend zijn. Ze hoefden niet per se van recente datum te zijn, maar nog wel goed verkrijgbaar. Zo kwam ik tot een keuze, die zich vanwege afspraken over de omvang van dit artikel beperkt tot een viertal titels. Het zijn deels klassiekers, verhalen van alle tijden. Wat ze gemeen hebben, is de strijd tussen goed en kwaad. De liefde overwint uiteindelijk. En dat is in deze verwarrende tijd een mooie en troostrijke gedachte!

De selectie is uiteraard subjectief. Inderdaad, een kwestie van smaak. Maar dat is onvermijdelijk het voorrecht van de recensent.

 

Een Gouden Griffel

… en dit’, zei dr. Simiak, ‘is dan de materie-transmitter.’

Dolf Wega was behoorlijk onder de indruk. Hij keek met ontzag naar het geweldige apparaat dat de gehele achterwand van het laboratorium besloeg.

Er zullen weinig mensen zijn, in ieder geval van mijn generatie, die deze openingsscène niet direct herkennen. In de jaren zeventig van de vorige eeuw was dit verhaal verplichte leeskost op de middelbare school. Ik heb het over Kruistocht in spijkerbroek van de ‘Grand Old Lady’ van het historische jeugdverhaal, wijlen Thea Beckman (1923 -2004). Deze jeugdroman is dan ook onvergetelijk, een ware klassieker.

Wie herinnert zich niet de illustratie op de voorzijde? Een blonde jongen, gestoken in jeans, loopt te midden van een groep armzalig geklede en schichtig om zich heen kijkende kinderen door een bergpas. Deze tekening, op zich al een monument, prikkelt de fantasie en nodigt absoluut uit tot lezen. En wie eenmaal is begonnen, kan niet meer stoppen.

De vijftienjarige Dolf Wega haalt twee wetenschappers over hem als proefkonijn te gebruiken voor hun uitvinding: een materie-transmitter. Daarmee is het mogelijk te reizen door de tijd. Dolf belandt in het jaar 1212, in de omgeving van Spiers. Maar op het moment dat hij terug wordt geflitst, gaat het mis. Een voorbijtrekkende stoet kinderen belemmert hem tijdig de gemerkte steen te bereiken en in zijn plaats verdwijnt een middeleeuwse jongen. Dolf vergezelt vervolgens de dertigduizend kinderen naar Jeruzalem waar zij het Heilige Land willen bevrijden van de Saracenen. Onderweg staan ze bloot aan talloze gevaren.

De schrijfster heeft haar verhaal doorspekt met allerlei wetenswaardigheden over het fenomeen Kinderkruistochten. Daarnaast besteedt ze aandacht aan de cultuur en laat ze zien welke voorname rol het geloof in het dagelijkse leven van de middeleeuwer speelde. Geschiedenis hoeft niet saai te zijn. Dat bewees Thea Beckman.

Kruistocht in spijkerbroek werd vele malen herdrukt. Beckman kreeg er in 1974 een Gouden Griffel voor en het verhaal werd in 1976 uitgeroepen tot het beste Europese historische jeugdboek. De auteur heeft dit succes, ondanks een omvangrijk oeuvre, nooit meer kunnen evenaren.


Een sympathieke tovenaarsleerling

In de Ligusterlaan, op nummer 4, woonden meneer en mevrouw Duffeling. Ze waren er trots op dat ze doodnormaal waren en als er ooit mensen waren geweest van wie je zou denken dat ze nooit bij iets vreemds of geheimzinnigs betrokken zouden raken waren zij het wel, want voor dat soort onzin hadden ze geen tijd.

Wederom een legendarisch openingsfragment, afkomstig uit het eerste deel van een wereldwijde hit: de zevendelige fantasyserie over de belevenissen van Harry Potter, bedacht en geschreven door de Britse schrijfster J.K. Rowling (1965). Het succes begon met Harry Potter en de steen der wijzen.

Harry is een doodgewone, maar ongelukkige jongen die sinds de dood van zijn ouders woont in een bezemkast onder de trap in het huis van zijn oom en tante. Op zijn elfde verjaardag verandert zijn leven ingrijpend dankzij de komst van een geheimzinnige brief. Hij wordt uit het huis van zijn oom en tante gered door een woeste figuur op een vliegende motorfiets en hij komt erachter wie zijn overleden ouders waren. Met een speciale trein belandt hij op Zweinsteins Hogeschool voor Hekserij en Hocus-Pocus waar hij alles leert over bezemstelen, toverdranken en monsters. En niet onbelangrijk: Harry moet de strijd aangaan met zijn aartsvijand Voldemort, een levensgevaarlijke tovenaar!

De boeken over de sympathieke tovenaarsleerling werden door jong en oud omarmd en maakten van Joanne Rowling een vermogende vrouw. De fantasierijke, magische en sprookjesachtige verhalen spreken behoorlijk tot de verbeelding en lezen heerlijk weg.

 

Altijd winter, nooit kerst

C.S. Lewis (1898 – 1963) werd vooral bekend als schrijver van christelijke boeken, zowel fictie als verhandelingen. In 1950 verscheen The Lion, the Witch and the Wardrobe, het eerste deel van de zeven Kronieken van Narnia. Met deze kinderboeken verwierf Lewis grote faam onder jong en oud.

De schrijver creëert op papier een magische wereld bevolkt door faunen en pratende dieren. De heks Jadis heeft het er voor het zeggen. Zij zorgde er voor dat het in Narnia altijd winter is, maar nooit kerst. De komst van vier kinderen brengt daar verandering in. Peter, Susan, Edmund en Lucy belanden tijdens een logeerpartij bij toeval via een kleerkast in het betoverde land. Volgens de overlevering zal de ban worden gebroken op het moment dat twee zoons van Adam en twee dochters van Eva de troon bestijgen. De witte heks wil het uitkomen van deze voorspelling tegenhouden en krijgt Edmund zover zijn zussen en broer te verraden. Maar wat zij niet weet is dat de leeuw Aslan terug is gekomen naar Narnia. Samen met Aslan en diens handlangers nemen de kinderen het in een grootse veldslag op tegen Jadis. In deze strijd wordt de tovenares uiteindelijk gedood, waarna de kinderen de troon bestijgen en de zomer terugkeert in Narnia.

Wie van fantasy houdt – en dat zijn er blijkens de enorme verkoopcijfers van de boeken in de Potterreeks en de hernieuwde belangstelling voor het werk van Tolkien velen – smullen van de Kronieken van Narnia.

 

Een eigentijds sprookje

Thomas verhuist met zijn jongere broers Joost en Maurits en de tweelingzussen Emma en Lisa naar het afgelegen plattelandsdorp Ravenhorst. Hun ouders hebben daar een oude herberg gekocht. Thomas moest niet alleen zijn vrienden in de stad verlaten, maar was ook gedwongen afscheid te nemen van de band waarin hij gitaar speelde. Het saaie leven in Ravenhorst verandert al snel in een groot avontuur wanneer de kinderen, gelokt door raven en een geheimzinnige stem een oude stadspoort in het nabij gelegen bos ontdekken met de inscriptie: ‘Raveleijn, waar Raven Ruiters zullen zijn.’ Zodra ze door de poort lopen, veranderen de kinderen in volwassen ruiters en de raven in hun paarden. Raveleijn blijkt bevolkt door Graffers, agressieve wezens van hout en metaal. Ze worden gemaakt door de mensen in Raveleijn, die leven als bannelingen in een enclave, en gebukt gaan onder het schrikbewind van graaf Olaf Grafhart. Er is een voorspelling die luidt dat er ooit vijf kinderen naar Raveleijn zullen komen om de stad te bevrijden. De broers en zussen begrijpen dat zij die kinderen zijn. Het lot van Raveleijn ligt in hun handen. Ze blijken te beschikken over eigen, speciale krachten, gekoppeld aan de elementen metaal, hout, water, aarde en vuur. Alleen wanneer ze hun krachten beheersen en goed samenwerken, is het mogelijk de boosaardige graaf te verslaan. Uiteindelijk staan ze tegenover Olaf Grafhart, die met zijn meerkoppige draak zorgt voor een heftige finale, een strijd op leven of dood.

Paul van Loon (1955) kennen we vooral van zijn griezelboeken. Verhalen als Vampier in de school (1990) en de reeks De griezelbus (vanaf 1991) waren met name onder jonge lezers razend populair. Het genre dat Van Loon beoefent, noemt hij zelf grumor: griezelen met humor.

Toen hij door de leiding van het attractiepark De Efteling werd gevraagd het verhaal van Raveleijn te schrijven, ontstonden er onmiddellijk beelden in zijn hoofd. Het boek Raveleijn is voorzien van fraaie illustraties, geheel in de stijl van het sprookjespark. Daar is de parkshow Raveleijn te zien en te beleven.

De geschiedenis vertoont veel overeenkomsten met de boeken van Lewis over De Kronieken van Narnia. Raveleijn is misschien niet het beste van Van Loon, maar het is wel een heerlijk boek om te lezen. Het verhaal is spannend en jongeren zullen genieten van de magie, de onverwachte wendingen en de actie. Eindelijk ook weer eens een titel waarmee leerlingen in het vmbo, van huis uit niet de meest enthousiaste lezers, zonder enige twijfel worden gegrepen!

 

  • Beckman, T. (2003) Kruistocht in spijkerbroek. Rotterdam: Lemniscaat b.v. Isbn  978 90 606 9167 0  € 17,95, 307 blz.
  • Lewis, C.S. (2015) De kronieken van Narnia. Originele titel: The Chronicles of Narnia. Vertaald uit het Engels door M. van den Bovenkamp-Gordeau. Utrecht: Kok Boekencentrum. Isbn 978 90 435 2591 6 € 34,99, 1184 blz.
  • Loon, P. van (2011) Raveleijn. Amsterdam: Leopold/Efteling: Isbn 978 90 258 5781 3  € 18,99, 246 blz.
  • Rowling, J.K. (2000) Harry Potter en de steen der wijzen. Oorspronkelijke titel: Harry Potter and the Philosopher’s stone. Vertaald uit het Engels door Wiebe Buddingh’. Amsterdam: Uitgeverij De Harmonie. Isbn 978 90 761 7410 5 € 18,99, 228 blz.

Sandy Stark-McGinnis - Zo vrij als een vogel

‘Ik stuif tussen de Aasgieren door, mijn t-shirt flappert in de wind. Jenny stopt met voorlezen. De hele speelplaats valt stil. Als ze geïnteresseerd zijn in vogels, dan proberen ze nu misschien te determineren bij welke soort ik hoor en concluderen dat er geen enkel ander exemplaar is zoals ik. Of ze zeggen bij zichzelf: Dat is December, dat rare meisje dat in de pauze altijd onder een boom zit. Ze praat nooit met iemand.
Maar het doet er niet toe wat ze van me denken. Het enige wat ertoe doet is dat mijn verhaal geheim blijft.
Ik ben geboren om te vliegen.’

December is elf, bijna twaalf jaar oud. Met een weggelopen moeder heeft ze een groot deel van haar leven in pleeggezinnen gewoond en heeft ze talloze scholen bezocht. Geen fijne tijd. Maar het kan haar niet schelen. Want ze weet zeker dat ze binnenkort vleugels krijgt en dat ze de wijde wereld in zal vliegen, haar vrijheid tegemoet. Zo staat het ook geschreven in Vogelmeisje: een uitzonderlijk verhaal. Het is Decembers levensverhaal, haar biografie, en ze neemt het boek overal mee naar toe. Het litteken op haar rug is het bewijs dat ze uiteindelijk zal uitvliegen. Ze weet het zeker: op die plaats zullen straks haar vleugels doorbreken.

‘Wanneer het zover is, zal het litteken op mijn rug tintelen en zullen mijn vleugels eindelijk door mijn huid heen barsten. Ik hoef me alleen maar af te zetten. Ik ben geboren om te vliegen. Springen is nog maar het begin.’ (p. 12)

Tot die tijd moet December oefenen en springt ze uit steeds hogere bomen. En ze eet zo weinig mogelijk want wie wil vliegen, moet licht zijn.

Haar laatste pleegmoeder is Eleanor, een alleenstaande vrouw die ook van vogels houdt en wilde dieren opvangt. Eleanor weet langzaam maar zeker door de muur te breken die December om zich heen heeft opgetrokken. En December krijgt een vriendin: Cheryllynn, een vrolijke meid die haar schouders ophaalt bij tegenslagen. Wil December eigenlijk nog wel wegvliegen?

Ze blijft voor de zekerheid flink oefenen…

Uitgever Lemniscaat heeft het juiste gevoel als het gaat om het vertalen van buitenlands werk. Helemaal in de lijn van de boeken van Susin Nielsen, Paul Mosier, Leslie Connor en Barry Jonsberg is dit ook weer zo’n geweldig mensenboek, een wonderschone geschiedenis over een kwetsbaar, door het leven getekend meisje. Het is een verhaal over relaties, over tegenslag en jezelf weer oppakken.

Zo vrij als een vogel is het debuut van de in Californië geboren Sandy Stark-McGinnes. Ik hoop dat we nog veel van deze schrijfster gaan horen, want ze heeft het schrijven absoluut in haar vingers.

Echt een juweel van een verhaal, heel geschikt voor de meer ervaren lezers in de onderbouw.

Sandy Stark-McGinnis werd geboren in Californië. Ze schrijft het liefst over al die kleine, bijzondere gebeurtenissen in een kinderleven, en over hoeveel moed en doorzettingsvermogen ervoor nodig is om op te groeien. Zo vrij als een vogel is haar debuut.

 

Stark-McGinnis, S. (2020) Zo vrij als een vogel. Oorspronkelijke titel  Extraordinary Birds. Vertaald door Lydia Meeder. Rotterdam: Lemniscaat b.v. Isbn 978 90 477 1192 6 € 15,95, 204 blz.

Linda van de Pol - Not so perfect

Madeleine van Breukelum, leerling in de vierde klas van het vwo, heeft het allemaal goed voor elkaar. Op haar slaapkamer hangt haar ‘MaddiePlan’, een planbord waarop ze haar toekomst zorgvuldig heeft uitgestippeld. In het nieuwe schooljaar wil ze naar 5-atheneum, dan volgt in leerjaar zes het eindexamen en aansluitend wil ze een studie rechten voltooien. Daarna komt er ongetwijfeld een goedbetaalde baan op haar pad bij het meest prestigieuze advocatenkantoor en ligt de weg open om zich te binden aan een knappe man. Hij weet nog van niets, maar Madeleine wil zich verloven en trouwen met haar aantrekkelijke leraar Engels, meneer Hamilton. Het leeftijdsverschil neemt ze op de koop toe. Want wat is nu negen jaar op een heel mensenleven?

Als er iemand wordt gevraagd om het jaarlijkse schoolfeest te organiseren op het Michiel de Ruyter College meldt Madeleine zich direct aan. Zij is natuurlijk de perfecte kandidate om dat te doen. Althans, dat vindt ze zelf. Ze is een organisatorisch talent, een financieel wonder, creatief, kan goed leiding geven, noem maar op. Maar dan, als Madeleine hoort dat ze assistentie krijgt van Oscar Breedveld, de grootste chaoot van de school, de wereld en het universum, ziet ze al haar plannen in duigen vallen. Of..., toch niet?

Not so perfect kreeg dit humoristisch en confronterend verhaal als titel mee. Het woordje ‘not’ op de cover is met een kruis doorgehaald. Dat is bepaald niet zonder reden, want de hoofdpersoon Madeleine maskeert haar faalangst en onzekerheid door honderd procent controle te willen bewaren over haar doen en laten. Mede om die reden wordt ze telkens in verlegenheid gebracht en belandt ze in situaties die ze juist probeert te vermijden.

Een vlot geschreven, eigentijds verhaal met een wensvervullend einde dat vooral opgroeiende tienermeiden zal aanspreken. Een typisch Jonge Jury-boek.

Schrijfster Linda van de Pol (1973) schreef met Dieuwertje Boeren eerder Alleen als je durft (Holland, 2017) een bundel met twaalf toegankelijke griezelverhalen voor middelbare scholieren. In 2018 leverde ze een bijdrage aan Door dik en dun (Holland), een verzameling verhalen over vriendschap, speciaal geschreven voor het thema van de Kinderboekenweek dat jaar. Voor meer informatie kijk op haar website: www.lindavandepol.nl.

 

Pol, van de, L. (2020) Not so perfect. Haarlem: Holland. Isbn 978 90 251 1464 0 € 14,99, 140 blz.