Posts gesorteerd op relevantie tonen voor zoekopdracht het meisje met. Sorteren op datum Alle posts tonen
Posts gesorteerd op relevantie tonen voor zoekopdracht het meisje met. Sorteren op datum Alle posts tonen

donderdag 2 mei 2019

Wilma Geldof - Het meisje met de vlechtjes

(Uitgeverij Luitingh-Sijthoff, 2018)

Wilma Geldof verdiepte zich in het leven van de Haarlemse Freddie Oversteegen. Freddie Oversteegen gold tijdens de Tweede Wereldoorlog als Nederlands jongste verzetsmeisje. Geldof interviewde de hoogbejaarde vrouw, die met haar zus Truus voor de verzetsgroep werkte waar later ook Hannie Schaft deel van uitmaakte. Freddie sprak liever niet meer over haar verleden, maar vond in Wilma een fijne gesprekspartner. Het zijn deze gesprekken die aan de basis liggen van Het meisje met de vlechtjes. Het verhaal van Freddie Oversteegen is dus waargebeurd, maar de schrijfster heeft het overgoten met een fictief sausje en zij heeft allerlei gebeurtenissen naar haar eigen hand gezet.

Over Het meisje met de vlechtjes
Freddie is veertien jaar oud als de oorlog uitbreekt. Ze groeit op in een communistisch gezin. Haar moeder vangt dan al enkele jaren gevluchte joden uit Hitler-Duitsland op. In 1941 worden Freddie en haar oudere zus gevraagd om deel te nemen aan het gewapend verzet. De meisjes verleiden hooggeplaatste nazi’s en lokken ze het bos in, waar ze worden gedood door verzetskameraden. Dan krijgen de zusjes zelf een pistool en Freddie slingert heen en weer tussen angst en moed, twijfel en trots. Kun je een ander mens doden zonder zelf te veranderen?  Gevaar voor verraad dreigt. Wie kan ze nog vertrouwen? En waarom sluit haar vriendje Peter zich niet bij hen aan?

Freddie Oversteegen overleed begin september vorig jaar vlak voor haar drieënnegentigste verjaardag, zonder het boek zelf te hebben gelezen.

Wilma Geldof is een getalenteerd schrijfster die met het in 2014 verschenen Elke dag een druppel gif, een Young Adult over een jongen uit een NSB-gezin, in 2015 de Thea Beckmanprijs won, een prijs die jaarlijks wordt toegekend aan het beste historische jeugdboek.

Op de website van recensent Jaap Friso, Jaapleest, staat een bespreking van Het meisje met de vlechtjes met daarin opgenomen links naar een interessant gesprek dat hij samen met Bas Maliepaard had in de vierde aflevering van hun gezamenlijke Podcast met Wilma Geldof, alsmede een interview in het weekblad Margriet van Maliepaard met Geldof over het NSB-verleden van haar vader.

Het meisje met de vlechtjes is een levensecht, boeiend verhaal, geschreven in een krachtige stijl, met als belangrijke thema’s de strijd om goed en kwaad en het recht te mogen beslissen over iemands leven. Een mooi historisch boek voor de meer ervaren lezers in de bovenbouw.

dinsdag 10 augustus 2021

Anna van Praag - Noorderlicht

 

Een therapeutische vakantie

Ive, veertien jaar oud, reist met haar vader naar een van de waddeneilanden om daar de herfstvakantie door te brengen. Ive zelf is niet echt enthousiast. Het verblijf op een saai, regenachtig eiland is weinig aanlokkelijk. Bovendien mist ze een belangrijk voetbaltoernooi.

De heenreis is ook niet bepaald gezellig zonder de aanwezigheid van haar moeder die heeft besloten een dag later op eigen gelegenheid aan te sluiten. De verhouding tussen Ives ouders staat onder druk en het is duidelijk dat het uitje een ultieme poging is de relatie te redden. Haar ouders hebben elkaar als biologen in opleiding op het eiland leren kennen. De vonk sloeg over tijdens het wadlopen en de hoop is nu dat een bezoek aan een drenkelingenhuisje waar ze destijds moesten schuilen de liefde opnieuw doet opbloeien.

Maar alle voortekenen zijn slecht. Nog voordat Ive en haar vader hun bestemming hebben bereikt, krijgen ze een ongeluk. Ive die geen gordel draagt wordt door de botsing met een voorligger uit haar stoel gekatapulteerd en ze knalt met haar hoofd tegen de voorruit die totaal versplintert. Wanneer ze bijkomt in een glitterzee van stukjes glas heeft ze haar eerste ontmoeting met een onbekend meisje dat geruststellend op haar inpraat en er ook de dagen daarna steeds voor haar zal zijn, in ieder geval op de momenten dat Ive haar nodig heeft.

De gevolgen van het ongeluk lijken mee te vallen. Wel houdt Ive er een stevige hoofdpijn aan over. Ze heeft bijzondere dromen en het is soms moeilijk de realiteit te onderscheiden van haar eigen fantasie. Evi, het meisje van de ontmoeting, is voor haar een fijne en betrouwbare vriendin. De meiden storten zich op het spelen van een ‘truth or dare’ spel waarbij de stoere Evi steevast kiest voor de uitdagingen.

Ondertussen is de verwijdering tussen Ives ouders onomkeerbaar. Ze zijn in toenemende mate bezig met hun eigen leven en verliezen daarbij hun dochter geregeld uit het oog.  Dat heeft in het slot zelfs bijna dramatische gevolgen wanneer Ive tijdens het wadlopen met haar ouders achterop raakt en ingesloten wordt door het opkomende water.

De Sneeuwkoningin

Anna van Praag (1967) studeerde Spaans in Amsterdam en werkte bij diverse theatergezelschappen en filmfestivals. In 2003 debuteerde ze als kinderboekenschrijver. Van Praag maakte naam met haar detectiveserie over Isabel Snoek en haar jeugdroman Nooit meer lief (Leopold, 2010). Bij Lemniscaat verschenen eerder Kom hier Rosa (2012) en Een heel bijzonder meisje (2015).

Voor het schrijven van Noorderlicht waarvoor zij een projectsubsidie ontving van het Nederlands Letterenfonds liet Anna van Praag zich inspireren door De sneeuwkoningin van Hans Christaan Andersen. Niet voor niets opent het verhaal met een fragment uit het sprookje waarin de spiegel van de boze trol in honderden miljoenen, biljoenen stukjes valt, sommige niet groter dan een zandkorrel. Het is het begin van veel ellende, zoals ook het auto-ongeluk in Noorderlicht de voorbode is van weinig goeds. En de oplettende lezer ontdekt paralellen met het sprookje. Zo heeft Ive na het ongeval een glasscherfje in haar oog, een splinter die haar kijk op de werkelijkheid vertroebelt zoals dat ook het geval is met het jongetje Kay in De sneeuwkoningin.

In een vraaggesprek met Marjolijn de Cocq in Het Parool* zei Van Praag dat het schrijven van Noorderlicht een pure worsteling was en dat het manuscript meerdere versies kende alvorens het zijn definitieve vorm kreeg. Dat had alles te maken met de rol van de moeder die in het uiteindelijke verhaal daadwerkelijk fysiek aanwezig is. Maar dat was eerst niet zo.

‘Het moest gaan over een vader-dochterrelatie en hoe die verandert als kleine meisjes groot worden. (…) Nergens een scheiding, sterker, die moeder was helemaal niet aanwezig in mijn eerste versie, die had ik op een yogaretraite gestuurd.’

Het verhaal zoals we het nu lezen, gaat heel duidelijk wel over de verwijdering tussen de ouders van Ive. De vader – Sjoerd - die volledig opgaat in zijn werk, de moeder – Marente - die kiest voor zichzelf en geholpen door haar vriendin Clara een nieuw leven wil opbouwen. Met daarnaast dus de innerlijke worsteling van Ive die niet wil kiezen. Een ongelijke strijd, omdat wel duidelijk is dat een scheiding onafwendbaar is. Een eenzaam gevecht ook. Maar gelukkig is daar Evi, de naam niet toevallig een palindroom. Evi bestaat slechts in het hoofd van Ive, ze is in alles haar pendant.

De titel van het boek is ontleend aan de belofte van Ives vader om zijn dochter ooit mee te nemen naar Lapland om daar getuige te zijn van het unieke natuurverschijnsel het noorderlicht.

Anna van Praag die op latere leeftijd zelf scheidde van de vader van haar kinderen schreef met Noorderlicht een bijzonder verhaal over weglopen en terugkomen, over vasthouden en loslaten, maar ook over het klimaat, de opwarming van de aarde en het uitsterven van dieren.

Noorderlicht is geen eenvoudige roman. De structuur en de opbouw stellen eisen aan de leesvaardigheid van de lezer. Kinderboekenliefhebber en kenner Jaap Friso schrijft op JaapLeest.nl heel terecht dat Van Praag welhaast op een gekunstelde manier zoveel kwijt wil ‘dat het onmogelijk is vast te stellen waar het haar echt om is te doen. Al die motieven en themaatjes doen ook afbreuk aan de leesbaarheid van het verhaal.’

Hoe dan ook, het boek is wel een aanrader voor jongeren van dertien jaar en ouder die kunnen genieten van taal en die niet snel zullen opgeven.


* Marjolijn de Cocq, Hoe Anna van Praags moeder bepalend was voor haar jeugdroman Noorderlicht. Artikel in Het Parool, 10 maart 2021.

 

Praag, A. van (2021) Noorderlicht. Rotterdam: Uitgeverij Lemniscaat bv. Isbn  978 90 477 1253 4  € 15,99, 216 blz.

donderdag 29 mei 2025

Wilma Geldof - Het meisje dat er niet mocht zijn

We zijn meer dan ons verleden

Nieuw werk van Wilma Geldof (Alphen aan de Rijn, 1962). Ze schreef Het meisje dat er niet mocht zijn. Wilma won de Thea Beckmanprijs in 2015 met Elke dag een druppel gif, een jeugdroman over een jongen uit een NSB-gezin. Op mijn blog staat de bespreking van nog een derde oorlogsverhaal van Wilma Geldof, Het meisje met de vlechtjes (2018), gebaseerd op het waargebeurde verzetsverhaal van Nederlands jongste verzetsmeisje Freddie Oversteegen.

In Het meisje dat er niet mocht zijn neemt de schrijfster de lezer mee naar 1961, het jaar dat het Eichmann-proces loopt. De zestienjarige Ditte de Leeuw moet een schoolopdracht maken over de Tweede Wereldoorlog. Ze wordt gekoppeld aan een nieuw meisje in de klas, de Joodse Rivka, die in de oorlog vele familieleden verloor. Ditte weet vrijwel niets over het oorlogsverleden van haar moeder, Nora. Ze weet zelfs niet wie haar biologische vader is. Omdat haar moeder weigert iets te vertellen, gaat Ditte zelf op onderzoek uit. Het blijkt dat haar vader een Duitse soldaat was, die vanaf november 1944 werkzaam was in het beruchte concentratiekamp in Sachsenhausen. Deze ontdekking heeft grote gevolgen en brengt Ditte in gewetensnood. Kan zij nog wel bevriend blijven met Rivka? En wat betekent deze ontdekking voor haarzelf als dochter van een nazi? Is het terecht dat klasgenoten haar uitschelden voor moffenkind, zoals destijds ook haar moeder als moffenhoer werd kaalgeschoren in het openbaar?

Ik leef, maar anderhalf miljoen Joodse kinderen zijn vermoord. (…) Ben ik een slecht mens als ik om mezelf huil? Is het oneerlijk als ik om mezelf grien en niet om die anderhalf miljoen kinderen? Ben ik sowieso slecht omdat ik een moffenkind ben? (p.228)

Ditte spoort haar vader op en zoekt contact met hem. Wanneer Ditte tijdens de diploma-uitreiking op haar middelbare school de microfoon in handen krijgt, richt ze zich eerst aarzelend en dan zelfverzekerd tot alle aanwezigen.

We zijn allemaal meer dan ons verleden. (…) Wie mij aankijkt op de keuzes of daden van mijn ouders is zelf geen haar beter. (…) Ik bén geen schande. (p. 379)

Het meisje dat er niet mocht zijn is een knap geconstrueerde YA-roman waarin Geldof geregeld wisselt van perspectief. Er zijn de fragmenten waarin het vertelperspectief ligt bij de ik-figuur Ditte. Daarnaast zijn er de tijdsprongen naar de oorlogsjaren 1943 – 1945 waar gekozen is voor het personale perspectief met Nora in de hoofdrol.

Een uitermate boeiend boek, geschreven in die kenmerkende krachtige stijl van Geldof over familie, liefde en uitsluiting en de moed die nodig is om het verleden onder ogen te zien.


Weer zo'n fascinerende Young-Adult van Luitingh-Sijthoff, de uitgever in Amsterdam, die zich al enige tijd onderscheidt in de uitgave van boeiende kwaliteitsverhalen.


Geldof, W. (2025). Het meisje dat er niet mocht zijn. Luitingh-Sijthoff. Isbn 978 90 210 5353 0 € 19,99, 398 blz.

woensdag 20 oktober 2021

Gideon Samson - Zwarte zwaan

Zwarte zwaan van Gideon Samson verscheen voor het eerst in 2012 en werd een jaar later bekroond met een Griffel. Uitgeverij Leopold voorzag dit duistere jeugdverhaal van een eigentijds uiterlijk en  brengt het thans opnieuw onder de aandacht van een volgende generatie jonge lezers.


Een destructieve vriendschap

In het eerste hoofdstuk van Zwarte zwaan stelt Samson twee van de drie hoofdpersonen in zijn boek aan de lezer voor. Het zijn Duveke en Rifka (12), twee vriendinnen, twee keurige meisjes. Maar is dat wel zo? Rifka is helemaal niet zo netjes en dat blijkt al onmiddellijk op de eerste bladzijden waar zij een medewerkster van de Kindertelefoon meedogenloos op het verkeerde been zet door haar voor te liegen dat ze zwanger is en misbruikt wordt door haar broer. Het tekent Rifka. Ze is verre van lief, eerder een manipulatief kreng. Een bitcherig kind dat telkens nieuwe dingen verzint waarmee ze anderen tegen zich opzet.

Duveke vindt het allemaal prima zo, gaat er in mee, ook al is al het onaangepast gedrag van Rifka niet echt haar ding. Maar ze weet donders goed dat het de enige manier is om de vriendschap in stand te houden. En dat mag wat kosten. Want …  ‘Vriendinnen zijn met Rifka is het hoogste wat je kunt bereiken.’ En verder is Duveke in alles Rifka’s tegenpool. Een kinderlijk meisje dat onder haar bed allerlei frutsels koestert in een Heilige Doos en worstelt met een ondefinieerbaar Gevoel dat haar met enige regelmaat volledig lamslaat. Een onzeker meisje ook dat haar slechte gedachten het liefst verdringt naar een donker vakje in haar hersens, een plekje waar ze zo min mogelijk probeert te komen. Zoals die keer dat ze een zwart glazen zwaantje van haar moeders verzameling per ongeluk vernielde.

Samen hebben de meiden volgens Rifka één doel. ‘Wij twee moeten heersen over het volk der truttenkoppen en piemelpikkies. ‘En dat zullen ze weten op hun school.

Aan de oever van de Paarse Plas, een meertje in het bos, worden in het geniep de plannen gesmeed. Dat wil zeggen: Rifka bedenkt alles. Haar nieuwste idee wordt ingegeven door de dood van Mori (paardenstaartje), een ernstig ziek klasgenootje. Al die verdrietige mensen op zijn begrafenis! Hoe zou het zijn dat zelf te ervaren tijdens je uitvaart?  Rifka wil haar begrafenis bewust meemaken. Ze heeft het helemaal uitgedokterd en Duuf moet haar daarbij helpen. Ze ensceneert haar eigen ontvoering en duikt ondertussen onder in een tentje in het bos. Haar ouders kunnen onmogelijk het losgeld betalen en dus brengen de ontvoerders haar om het leven. Haar lichaam wordt niet gevonden en daarom zal ze dood worden verklaard. Het lijkt een strak plan. Maar natuurlijk loopt het anders … .

Zwarte zwaan kent een zorgvuldige compositie en vormt psychologisch een doordacht geheel. Het boek kan worden opgesplitst in drie delen. In het eerste deel ‘Voor’ maken we alle gebeurtenissen mee door de ogen van Duveke. Rifka moet met hulp van Duveke dan nog verdwijnen. In het tweede gedeelte (‘Na’) is de verdwijning van Rifka een feit en bezien we alles vanuit het perspectief van de veertienjarige broer van Duveke, Olivier. Olivier en zijn familie maken zich daadwerkelijk op voor een begrafenis, al is het niet te zeggen dat dit de uitvaart is van Rifka, omdat we in het eerste deel konden lezen dat Duveke faalde bij de uitvoering van een essentieel onderdeel van Rifka’s plan. Het wordt wel duidelijk dat er iets goed mis is met Duveke want ze heeft besloten te zwijgen en spreekt met niemand meer. Het derde deel tot slot (‘Tijdens’) verhaalt over de gebeurtenissen tijdens de verdwijning en is geschreven vanuit het perspectief van Rifka. Hier vallen alle puzzelstukjes op een macabere en onverwachte manier op hun plek. Het zou te ver gaan daar nader op in te gaan, want het haalt de spanning uit dit verrassend goed en sterk geschreven boek.

Samson (in 2010 Zilveren Griffelwinnaar met Ziek) toont zich met Zwarte zwaan van zijn beste kant. In 2013 werd het verhaal bekroond met een Zilveren Griffel. In het juryrapport werden onder meer geroemd het duizelingwekkende tempo, de sublieme stijl en de adembenemende compositie van deze door-en-door-donkere roman. Het is waar. Zwarte zwaan is niet alleen een markant, maar boven alles magistraal jeugdverhaal. Een boek met literaire kwaliteiten en tegelijk ook een spannende geschiedenis met lees bevorderende elementen en daarom geschikt voor een wat breder publiek.


Samson, G. (2012) Zwarte zwaan. Tiende druk, 2021. Amsterdam: Uitgeverij Leopold. Isbn  978 90 258 8123 8  € 18,99, 216 blz.

donderdag 2 mei 2019

Elle van den Bogaart - Twee seconden

(Uitgeverij Holland, 2018)

Utrecht. Thomas de Laat heeft nog maar net zijn rijbewijs. De stoere BMW van zijn overleden vader is natuurlijk het ultieme vervoersmiddel om als achttienjarige een feest te bezoeken van school. Niet alleen om te scoren bij vrienden, maar vooral ook omdat de bloedmooie Alicia Fernandèz er zal zijn, het meisje met wie Thomas het de afgelopen weken zorgvuldig heeft aangelegd. Het kan niet anders of vanavond weet hij de Spaanse Alicia definitief voor zich te winnen.

Onderweg naar het feest in de glasfabriek gaat het gruwelijk mis. Thomas wordt gebeld door Alicia en hij kan de verleiding niet weerstaan zijn mobiel op te nemen. Hij raakt afgeleid, maakt een stuurfout en komt in botsing met een onbekend voorwerp. Of was het misschien toch een dier, of zelfs een mens? Thomas weet het niet, want de beslagen autoruiten belemmeren het zicht. In blinde paniek geeft hij gas en hij rijdt door. Aangekomen op het feest zwijgt hij tegenover zijn vrienden over de aanrijding en hij raakt al snel in de ban van Alicia met wie hij voor het eerst zoent. Maar het onderbuikgevoel blijft knagen en verandert in een steen in zijn maag wanneer hij op de terugweg witte schermen en een ambulance ontwaart in de straat waar hij eerder die avond een aanrijding veroorzaakte.

De volgende morgen stromen de berichtjes van zijn vrienden binnen op Thomas’ telefoon. In de Homeruslaan is een zeventienjarig meisje van school aangereden. Ze is in kritieke toestand overgebracht naar het ziekenhuis en wordt daar om verdere hersenschade te voorkomen in coma gehouden. De dader is doorgereden en de politie roept getuigen op zich te melden. Het slachtoffer blijkt een bekende, Dana van Remonde, een kennis ook van Alicia en de zus van Romijn met wie Thomas ooit bij Albert Heijn werkte.
Thomas besluit tegen beter weten in te zwijgen en hij sust zijn geweten met de gedachte dat het heel goed mogelijk is dat een ander schuldig is. Langzaam maar zeker raakt hij  verstrikt in een web van leugens en het is verbazingwekkend hoe het draaien en liegen over onder meer de schade aan de BMW hem steeds makkelijker afgaat.
Als de aan lager wal geraakte vader van Thomas’  beste vriend Kasper een bekentenis aflegt, omdat hij dronken achter het stuur diezelfde avond door de Homerusstraat reed, lijkt de zaak voor Thomas ten goede te keren. Maar niets is minder waar. De nachtmerrie gaat door.

Het was even stil rond Ellen van den Bogaart (1959) die in 2003 debuteerde met De gele scooter waarvoor ze destijds de Debutantenprijs in ontvangst mocht nemen van de Jonge Jury. Ze ontwikkelde zich daarna al ras tot een productief auteur. Vrijwel jaarlijks verscheen er van haar een nieuw verhaal waarbij ze net als in haar debuut (seksueel misbruik) de wat zwaardere thema’s bepaald niet schuwde. Zo gaat Krassen (2004) over het verdriet en de rouw na een zelfdoding, Prooi (2006) speelt zich af in de wereld van de betaalde seks, No deal (2012) vertelt het verhaal van een jongen die zich laat verleiden tot het smokkelen van drugs en Lijfstraf (2015) is een aangrijpende en spannende geschiedenis over homoseksualiteit.

En nu, na een pauze van drie jaar, verscheen Twee seconden, weer een typisch Van den Bogaart-boek. Het bevat alle ingrediënten die kenmerkend zijn voor het oeuvre van de schrijfster. Naast een serieus onderwerp – hoe het gebruik van een mobieltje in de auto de levens verwoest van meerdere verhaalfiguren – een geschiedenis met veel vaart, goed uitgewerkte karakters en boven alles heel toegankelijk geschreven.

De wijze waarop Thomas zichzelf en zijn omgeving voor de gek houdt, wordt door Van den Bogaart knap en geloofwaardig verwoord. Bijzonder is ook de rol van de moeder die na het overlijden van haar man niet echt in staat blijkt tot Thomas door te dringen. Zij lijkt in doen en laten naïef, maar in het slot wordt pijnlijk duidelijk dat dit slechts schijn was. Geen verhaal met een happy end, maar wel een boek dat jongeren aan het denken zet over de gevaren van de mobiele telefoon in het verkeer.

Een fascinerende en boeiende geschiedenis die noopt tot bezinning. Ik zou zeggen: heel geschikt voor lezers in het vmbo van veertien jaar en ouder.                               

woensdag 1 maart 2023

Niet voor tere kinderzielen - Verhalen voor jongeren die tegen een stootje kunnen

Februari werd getekend door alle commotie rond het werk van de in 1990 overleden schrijver Roald Dahl. Sensitivity readers hadden in samenwerking met de Britse uitgever Puffin honderden correcties aangebracht in de Engelse heruitgave van de boeken van deze briljante schrijver. Voor -en tegenstanders buitelden over elkaar heen. Hedendaagse aanpassingen in het kader van inclusie en diversiteit konden nog wel op enig begrip rekenen. Maar wijzigingen in het oorspronkelijke verhaal met als doel de jonge lezer te sparen werden betiteld als regelrechte censuur en beschouwd als een onacceptabele aanval op de kunst. De beer was los.

Fontein, de Nederlandse uitgever van het oeuvre van Dahl, haastte zich te melden dat het niet van plan was de verhalen te herschrijven. En Puffin koos na alle kritiek eieren voor zijn geld, liet weten naast de gekuiste versies ook de boeken met de originele teksten te blijven drukken.

Inmiddels is de storm enigszins geluwd.

Hoeveel kunnen kinderen hebben? Ik dook in mijn boekenkast en hoefde niet lang te zoeken. Hierna enkele geweldige verhalen, bedoeld voor jongeren die tegen een stootje kunnen.

 

De bijzondere kinderen van mevrouw Peregrine

De opa van Jacob is een bijzondere man vol verhalen die hij graag vertelt aan zijn kleinzoon. Het zijn herinneringen aan de tijd dat hij als Poolse vluchteling tijdens de oorlog belandde in een kindertehuis op een afgelegen eiland voor de kust van Wales. Mevrouw Peregrine had er de leiding. De kinderen voor wie zij zorgde, bezaten stuk voor stuk opmerkelijke eigenschappen. Zoals een meisje dat kon zweven. Opa bezit foto’s waarop de bewuste kinderen met hun unieke gaven zijn afgebeeld.

Jacob verliest na verloop van tijd het geloof en het vertrouwen in zijn inmiddels dementerende grootvader. Als opa zijn kleinzoon op zekere dag in paniek belt met de mededeling dat hij fysiek wordt bedreigd door spoken uit zijn verleden, denkt Jacob er het zijne van. Zekerheidshalve zoekt hij hem op. Hij vindt zijn grootvader hevig bloedend en stervend in het bos achter diens huis. Hij is nog net in staat Jacob een cryptische boodschap in het oor te fluisteren.

Jacob belandt in een psychose en reist, mede op aanraden van zijn therapeut, met zijn vader af naar het eiland waar nog altijd de ruïne van het weeshuis staat. Dat hadden ze beter niet kunnen doen! Wat volgt, is een huiveringwekkende geschiedenis.

De Amerikaanse Ransom Riggs is een meesterlijk verteller en hij weet de lezer 378 pagina’s lang te boeien met dit in 2012 verschenen verhaal. Het boek bleek een absolute hit en werd verfilmd door Tim Burton. Hierna verschenen in de serie De bijzondere kinderen nog vier delen. Geschikt voor de onderbouw.

Riggs, R. (2012) De bijzondere kinderen van mevrouw Peregrine. Oorspronkelijke titel: Miss Peregrine’s Home for Peculiar Children. Vertaald door T. Poesen. Hasselt – Amsterdam – New York: Clavis Uitgeverij. Isbn 978 90 448 1717 1 € 24,95, 383 blz.

Thornhill

Het boek bestaat eigenlijk uit twee verhalen met elk een eigen hoofdpersoon.

Mary Baines (13) woont in een meisjestehuis, Thornhill. Ze voelt zich doodongelukkig. Vriendinnen maken lukt niet omdat een medebewoonster haar terroriseert en iedereen tegen haar opzet. Mary zondert zich af en vindt troost bij haar zelfgemaakte poppen.

Steeds meer kinderen verlaten Thornhill totdat alleen Mary en haar kwelgeest overblijven. Mary is vast van plan zich te wreken, maar het loopt anders.

In een tweede verhaallijn maken we een sprong in de tijd en leren we Ella kennen. Ella is na de dood van haar moeder met haar vader verhuisd en ze kijkt vanuit haar slaapkamer uit op het vervallen en verlaten Thornhill. Helemaal verlaten is het er niet want het valt haar op dat er zo nu en dan licht brandt in een van de bovenkamers. Bovendien ziet ze in de tuin een onbekend meisje dwalen. Ella gaat op onderzoek uit. In de tuin vindt ze een poppenhoofd en later ook een pop die op een lugubere manier aan een strop bungelt. Ella lapt de poppen op en legt ze terug in de tuin bij Thornhill. Tijdens een van de bezoeken aan het voormalige weeshuis staat ze oog in oog met het onbekende meisje. Ze volgt haar en daalt af in een kelder waar ze opnieuw de resten van poppen vindt. Langzaam maar zeker komen de twee verhaallijnen tot elkaar en groeit de geschiedenis uit tot een climax.

Thornhill, het debuut van de Engelse Pam Smy, is een spannende en boven alles mysterieuze, spookachtige graphic novel. Het hele boek ademt een sinistere, sombere sfeer. Imme Dros nam de vertaling naar het Nederlands voor haar rekening. Geschikt voor de onderbouw.

Smy, P. (2017) Thornhill. Vertaald door Imme Dros. Amsterdam: Uitgeverij Ploegsma. Isbn 978 90 216 7773 6 7 € 21,99, 539 blz.

Erebos

Op de Londense school van Nick Dunmore gedragen steeds meer klasgenoten zich nogal zonderling. Ze maken met roodomrande ogen een schichtige en afwezige indruk en ze wisselen heimelijk een dvd uit. Het draait allemaal om een illegale versie van het spel Erebos, een nieuwe game met een absoluut verslavend karakter. Houd je je niet aan de regels dan kun je nooit meer inloggen.

Nick krijgt een schijfje in handen en hij belandt na installatie in de virtuele wereld van Erebos, een fantastisch landschap bevolkt door ridders, elfen, barbaren, vampiers en vele andere vreemde wezens. Het duurt niet lang of ook Nick gaat volledig op in het spel.

Erebos maakt gebruik van een ingebouwde, geavanceerde kunstmatige intelligentie en een mysterieuze bode die de spelers begeleidt bij de spelonderdelen lijkt alles van Nick te weten. Deze bode voert de druk geleidelijk op. Door het vervullen van vage, dikwijls bedenkelijke opdrachten in de echte wereld kan Nick zijn character Sarius met nieuwe energie en betere gevechtsuitrustingen overeind houden.

Als Nick de opdracht krijgt een docent op school te doden, weigert hij waarop hij genadeloos uit het spel wordt gegooid.

Als zijn beste vriend vervolgens een ernstig ongeluk krijgt, realiseert Nick zich dat Erebos niet langer alleen een game is. Het is angstaanjagende werkelijkheid! Hij snapt dat hij moet ingrijpen voordat er meer slachtoffers vallen.

De auteur, Ursula Poznanski (Wenen, 1986), werkte als medisch journalist voordat ze fulltime jeugdboeken begon te schrijven. De geschiedenis grijpt je al in het eerste hoofdstuk bij de strot en laat je vervolgens niet meer los. Inmiddels verscheen, negen jaar na het verschijnen van de Nederlandse uitgave van Erebos, ook een vervolg: Erebos ontwaakt. Geschikt voor de derde klas.

Poznanski, U. (2011). Erebos. Vertaald uit het Duits door Esther Ottens. Rotterdam: Lemniscaat. Isbn 978 904 7770 3730 € 19,99, 409 blz.

Lemony Snickets afschuwelijke avonturen

Violet, Claus en Roosje Baudelaire vernemen tijdens een dagje uit dat hun ouders zijn omgekomen bij een vreselijke brand. Een bevriende bankier treedt op als executeur van het testament en de aanzienlijke erfenis. De kinderen mogen pas over het geld beschikken zodra Violet meerderjarig is. Tot die tijd worden ze ondergebracht bij een ver en vaag familielid, een zekere graaf Olaf. Het is deze man die het toch al niet plezierige leventje van de drie jonge wezen verandert in een hel. Hij aast op het Baudelaire-fortuin en gaat daarbij over lijken. Het zijn inderdaad afschuwelijke tijden voor de hoofdpersonen. Op een afstandelijke manier beschouwt Snicket als alwetende verteller (pseudoniem van Daniel Handler) de noodlottige en verschrikkelijke gebeurtenissen die de kinderen treffen.

De zwarte humor doet denken aan het leedvermaak in sommige Britse televisiefeuilletons en speelfilms, in het bijzonder die van Monty Python.

De serie Afschuwelijke avonturen telt meerdere delen en is zeer geschikt voor de nog jonge en minder ervaren lezers in de brugklas. Huberte Vriesendorp, bekend ook als de vertaalster van de boeken van Roald Dahl, stond garant voor een heerlijke vertaling.

De verhalen zijn verfilmd (Paramount, 2004) en Netflix kwam in 2017 met een televisiebewerking.

Snicket, L. Pseudoniem voor Daniel Handler. (2017) Lemony Snickets afschuwelijke avonturen. Het ellendige eerste boek. Vertaald door Huberte Vriesendorp. Met tekeningen van Brett Helquist. Tielt: Uitgeverij Lannoo nv. Isbn 978 94 014 4463 7 € 12,99, 151 blz.

donderdag 18 augustus 2011

Carry Slee - Joël

(FMB Uitgevers, 2011)

Luna (een studente aan de kunstacademie), Eva (studente psychologie), Fleur (studente opleiding school voor de journalistiek) en Nathalie (opleiding vakfotografie) bewonen een studentenhuis in het hartje van Utrecht. De meiden zijn vriendinnen en het komt hard aan wanneer Luna na een ongelukkige val uit het dakraam van haar kamer overlijdt. Met name Eva die nog het dichtst bij Luna stond, vindt het lastig haar verdriet een plek te geven. Ze wil niet geloven dat er sprake was van een ongeluk en ze heeft ernstige verdenkingen in de richting van Luna’s ex-vriend Remco. Het zou zo maar kunnen dat hij de hand had in haar dood. Remco is opvliegend van aard en hij had grote moeite met het feit dat hij kort voor Luna’s dood werd afgeserveerd, nadat zijn vriendin hem bekende lesbische gevoelens te hebben. Remco maakt zich bovendien verdacht, omdat hij anders dan wat hij een ieder heeft doen geloven kort voor Luna’s dood nog contact met haar had gezocht. Het bewijs vindt Eva terug in de lijst van inkomende oproepen op Luna’s mobiel. Kort na een bezoek van Remco aan Eva is de telefoon plots verdwenen! Ook Remco’s alibi op het tijdstip van Luna’s dood blijkt bij nader inzien niet te kloppen. Remco lijkt Eva steeds dichter op de huid te zitten. Eva voelt zich niet langer veilig en ze heeft grote moeite met het feit dat haar vriend Bart haar niet begrijpt en haar onvoldoende steunt. De twee groeien uit elkaar en de verwijdering is definitief wanneer Eva toegeeft aan de avances van Arthur, een studiegenoot die haar al langer adoreert en het volste begrip toont.

Ondertussen verwerken Nathalie en Fleur hun verdriet, ieder op hun eigen manier. Nathalie heeft de Amerikaanse Jim leren kennen op het Norh Sea Jazz Festival. Hij is gitarist en er ontstaat een innige relatie tussen de twee. Een geldprijs in een loterij stelt Nathalie in staat af te reizen naar haar geliefde in Los Angeles. Fleur verheugt zich op een stageplaats die haar wordt aangeboden in het verre Afrika. Daar kan ze het verleden hopelijk achter zich laten.

In een tweede verhaallijn lezen we over de tragische jeugd van Joël, een genderkind dat opgroeit in een dorpje in Zeeland in een verstikkend streng gereformeerd milieu. Joël ontdekt, aanvankelijk min of meer aangemoedigd door een vriendje, dat hij zich nog het meest prettig voelt in vrouwenkleding. Datzelfde vriendje maakt hem later tegenover zijn klasgenoten onsterfelijk belachelijk en als hij op een onbewaakt moment in de badkamer door zijn moeder wordt betrapt in een jurk van zijn zus zijn de rapen helemaal gaar. Zijn ouders tonen geen enkel begrip en in de jaren die volgen, ziet Joël zich verplicht zijn vrouwelijke gevoelens zoveel mogelijk te verstoppen. Maar verdwijnen doen ze niet en het is dankzij de lesbische Kim, een meisje met wie Joël vriendschap sluit gedurende de middelbare schoolperiode, dat het leven nog enigszins draaglijk is. Kim maakt het mogelijk dat Joël langzaam maar zeker uit zijn schulp kruipt.

Het verhaal van Joël werd door Slee opgetekend in de vorm van handgeschreven anonieme brieven aan het adres van Luna. Ze worden gevonden door de nieuwe bewoonster van de kamer van Luna onder de vloer. Als Eva ze in handen krijgt, is het haar een raadsel wie de afzender is en ze vraagt zich af of de brieven wellicht iets met Luna’s dood te maken hebben.

In het slot van het boek komen beide verhaallijnen op een onverwachte manier samen en zal blijken dat de lezer langere tijd door Slee op het verkeerde been werd gezet. Voor wie van plan is het boek te lezen, vertel ik er daarom niets over. Ik zou zeggen: laat je verrassen. Wel wil ik kwijt dat het mij verbaast waarom de brievenschrijver (Joël) in dit digitale tijdperk (Slee hield haar boek op 11 juli ten doop tijdens een voorleessessie voor genodigden op het Amsterdamse hoofdkantoor van Hyves!) al zijn bekentenissen heel ouderwets op papier zette. En het werd mij ook niet duidelijk waarom die stukken nu perse bewaard moesten worden in Luna’s kamer!

Slee spreekt als geen ander de taal van jongeren. Ze geeft een aardige beschrijving van het studentenleven in een toegankelijk verhaal waarin zelfs Derek Ogilvie nog voorbij komt! De uitgever presenteerde het boek als Young Adult roman, een etiket dat de uitgave ook nadrukkelijk meekreeg op de voorzijde van het omslag. Wat mij stoort, is dat het genre Young Adult in toenemende mate wordt misbruikt en door uitgevers op een verkeerde wijze wordt geëxploiteerd. In mijn optiek zou het hier moeten gaan om cross-overromans, boeken waarvan het literatuuronderwijs in de bovenbouw van het voorgezet onderwijs kan profiteren, omdat ze de kloof tussen de jeugdboeken en de volwassenenliteratuur helpen overbruggen. Geen kinderachtige boeken dus, maar knap geconstrueerde verhalen met ruim aandacht voor de gedachten en de gevoelens van de hoofdpersonen. Boeken die uitblinken in stijl en constructie en die eisen stellen aan de leesvaardigheid van de leerling, hem uitdagen en zodoende een goed hulpmiddel vormen bij de verdere ontwikkeling van diens literaire competenties. Toegegeven, Joël is op zich best een aardig verhaal en het zal lezers in de leeftijd van 15 jaar en ouder ongetwijfeld bekoren. Maar het boek mist toch absoluut de diepgang en de goed uitgewerkte psychologische portretten, zoals we die bijvoorbeeld wel terugvinden in het recent verschenen Rosie en Skate van Beth Ann Bauman. Dát is toch echt andere kost! Wat mij betreft is de tijd rijp voor een goede definiëring en afbakening van het begrip Young Adult zodat er een eind komt aan de huidige wildgroei!

vrijdag 5 april 2024

Girlpower

Verhalen over assertieve, krachtige tienermeiden

Teksten, aangeboden door leesbevorderingscampagnes als De Nationale Voorleesdagen, Geef een (prenten)boek cadeau en het (prentenboek van het) Kinderboekenweekgeschenk schieten tekort als het gaat om een diverse en inclusieve representatie van de meest belangrijke verhaalfiguren. Blanke jongens en mannelijke dieren domineren. Het zijn de bevindingen van Marie-José Klaver in een artikel in Neerlandistiek, online tijdschrift voor taal-en letterkunde. *

Is dit een probleem? Klaver vindt van wel.

‘Verhalen dienen als spiegel van de kinderwereld, waardoor kinderen via identificatie kunnen verkennen en verwerken wat hen dagelijks overkomt (…). Wie zichzelf bijna nooit tegenkomt in teksten, kan gaan denken dat hij of zij er niet toe doet in de samenleving (Bishop, 1990).’

Ook na de basisschool is het volgens Klaver slecht gesteld met een aanbod van zelfbewuste, sterke meisjes. 

‘De winnende jeugdromans van de Jonge Jury, gericht op de onderbouw van het voortgezet onderwijs, wemelen van de zwakke meisjes en seksistische stereotypen.’

De auteur besluit haar artikel met de constatering dat er volop kinder- en jeugdboeken zijn met vrouwelijke hoofdpersonen.

‘Maar ze vallen blijkbaar buiten het blikveld van de mensen die verantwoordelijk zijn voor leesbevordering en curriculair lezen binnen het onderwijs. Daar is de jongen universeel.’

Het is duidelijk. Tijd voor girlpower! Hierna een selectie van recent verschenen verhalen met een absolute hoofdrol voor assertieve en krachtige tienermeiden. Zes boeken zijn van eigen bodem, een werd vertaald uit het Engels. Ze zijn zonder uitzondering heel geschikt voor lezers in de onderbouw.

 

Patina

Patina, roepnaam Patty, is niet zoals de andere meiden uit haar klas. Haar vader is overleden en haar moeder heeft suikerziekte. Ze woont met haar zusje bij hun peetouders en ze moet wennen aan een nieuwe, elitaire school. Maar Patty heeft een groot talent: ze kan heel hard rennen. Ze komt in een hardloopteam waar het niveau behoorlijk hoog ligt. Als de druk stijgt, raakt Patty steeds vaker gefrustreerd. De coach echter wil geen slechte verliezer in zijn team hebben. En nu wil hij dat Patty gaat rennen in een estafette waar ze goed moet leren samenwerken. Hoe gaat ze dat in hemelsnaam doen?

Een nieuw boek van Zilveren griffel-winnaar Jason Reynolds over vertrouwen op jezelf en anderen. Hij draagt het verhaal op aan al diegenen die het stokje te jong moesten overnemen, maar het gelukkig niet alleen hoefden te doen.

Eerder verscheen van Reynolds Ghost (2022) dat zich afspeelt in dezelfde hardloopomgeving.


Struikmeisje

Iedereen heeft wel een reden waarom hij doet zoals hij doet. Bij Erie is die reden een stoornis. Tenminste dat zegt haar therapeut. Erie haat dat woord. Het klinkt alsof je gestoord bent. Nu gaat ze niet meer naar school, want in haar veilige huis midden in het bos zijn geen klasgenoten, geen prikkels, geen stress en dus ook geen stoornis. Probleem opgelost! Erie besluit zelf te onderzoeken waarom mensen doen wat ze doen. En de perfecte plek daarvoor is De Vliegenzwam, een huisjespark in het bos. Daar bespiedt ze haar omgeving vanuit het struikgewas. En daar ontdekt ze Bas. Wat doet hij in het bos in zijn rolstoel? Waarom doet hij zo aardig? Net als Erie denkt dat ze de antwoorden heeft, blijkt Bas een heel andere reden te hebben. Een die haar leven geheel op zijn kop zet.


Een mooi toegankelijk verhaal over vriendschap, anders zijn en diversiteit van een getalenteerd schrijfster die we ook kennen als stripscenarioschrijfster voor Donald Duck en Okki.

 

Andersom

Anna is zestien en blindgeboren. Samen met haar hartsvriendin Inti doet ze mee aan de auditie voor Antigone, een theaterproductie gespeeld door jongeren.

Inti is enorm jaloers als Anna wordt uitgekozen en zij niet. Ze is ervan overtuigd dat Anna haar selectie alleen heeft te danken aan het feit dat ze blind is, net als een van de personages in het stuk. 

Het wordt een heftige periode voor Anna: ze heeft ruzie met haar beste vriendin, de toneelrepetities zijn intens en ze wordt verliefd.


Een levendige young adult met humor, waarin jongeren met vallen en opstaan een toneelvoorstelling op poten zetten.


 

De C is voor Celia


De zestienjarige Celia helpt flink mee in het huishouden. Dat kan ook niet anders met twaalf broers en zussen. Maar vanaf het moment dat hun gezin wordt gevolgd voor een realityserie komen alle verhoudingen binnen het gezin op scherp te staan. Het lijkt alsof er bepaalde rollen voor hen geschreven zijn. Is het de realiteit die de makers vast willen leggen?

Of steekt het misschien toch iets anders in elkaar?


In De C is voor Celia schetst debuterend auteur Heleen Blesgraaf een treffend beeld van een meisje dat moeite doet haar eigen plek en stem te vinden in een omgeving die daarvoor eigenlijk weinig ruimte biedt.

 


Atta

Atta is een eigenwijs Mengelmeisje. Ze heeft er genoeg van om met de vrouwen en kinderen bessen te verzamelen. Ze wil op jacht dus sluit ze achter de mannen en jongens aan.

Maar haar avontuur krijgt een andere wending dan ze verwacht als ze oog in oog komt te staan met een woedende mammoet. Op de vlucht raakt Atta de weg kwijt en belandt ze bij een Neandervolk. 

Ze wordt warm ontvangen door de vrouw die de stam leidt. Iets té warm zelfs. Het lijkt wel of die haar niet meer wil laten gaan!


Atta is een kind, prachtig impulsief en nieuwsgierig naar de wereld. Een meisje dat je direct in je hart sluit. Het verhaal werd wonderschoon geïllustreerd door Linde Faas.


 

Street Academy - To lie for

Shay, Tatum, Gigi en Aysegül hebben niet veel, maar ze hebben er wel alles voor over om toegelaten te worden tot Street Academy.

Wanneer ze auditie mogen doen, slaat de sfeer om. De vriendinnen ontvangen dreigberichten van iemand die hen wil tegenhouden. De boodschap? Vertrouw niemand. Want de concurrentie is hard in een wereld vol streetdancers. Moordend zelfs.


To lie for is het eerste deel in een reeks thrillers onder de noemer Street Academy van Chinouk Thijssen. Een uitgekiende marketingcampagne van uitgeverij Clavis moet ervoor zorgen dat deze driedelige serie een hit wordt. In mei verschijnt het volgende deel, To Kill For. De boeken zijn niet los te lezen. Verschillende personages overleven het niet; de delen bouwen op die manier op elkaar voort. De limited editions hebben een andere cover, in een soortgelijke maar andere kleur. Het bloed op de cover is glanzend. Daarnaast hebben ze gouden sprayed edges en worden ze gesigneerd door Chinouk Thijssen.

 


Lava

Prinses Lava wordt volgende week dertien. Tijd om de reis te maken naar het land dat haar koninkrijk zal worden: met een hond die haar de weg wijst, een jongen die haar zal begeleiden en de opdracht om iets te vinden om in haar nieuwe land aan het volk aan te bieden. Iets dat Aventurijn heet.

Maar Lava wil helemaal niet met een mottige hond en een bozige jongen op stap. Ze wil deze reis met haar tweelingzus maken, zoals ze altijd van plan waren. Maar haar zus is er niet.


Zoals dat hoort in een sprookje en in het leven is de reis van Lava confronterend, vormend en louterend. Of ze erachter komt wat Aventurijn is, of ze het vindt en of ze haar land bereikt, vertelt de ervaren schrijfster Mireille Geus in dit wonderschone gelaagde verhaal, vernoemd naar de hoofdpersoon.

 


Marie-José Klaver, De universele jongen. Neerlandistiek, 13 februari 2023.

 

Blesgraaf, H. (2023) De C is voor Celia. Amsterdam: Uitgeverij Moon. Imprint Overamstel Uitgevers bv. Isbn 978 90 488 7116 2 € 19,99, 240 blz.

Geus, M. (2023) Lava. Rotterdam: Lemniscaat b.v. Isbn 978 90 477 1468 2 € 14,99, 180 blz.

Honingh, T. (2023) Struikmeisje. Van Goor. Uitgeverij Unieboek. Isbn 978 90 003 7361 1 € 17,99, 240 blz.

Janzing, J. (2023) Atta. Illustraties van Line Faas. Rotterdam: Lemniscaat b.v. Isbn 978 90 477 1489 7 € 15,99, 140 blz.

Reynolds, J. (2023) Patina. Oorspronkelijke titel: Track #2: Patina. Vertaald uit het Engels door Maria Postema. Amsterdam: Uitgeverij Condor. Isbn 978 94 645 3065 0 € 16,99, 208 blz.

Thijssen, C. (2024) To lie for. Hasselt-Amsterdam-New York: Clavis Uitgeverij. Isbn 978 90 448 5144 1 € 18,95, 192 blz.

Wouters, E. (2024) Andersom. Hasselt-Amsterdam-New York: Clavis Uitgeverij. Isbn 978 90 448 5142 7 € 18,95, 200 blz.

woensdag 1 maart 2023

Opdat we niet vergeten - Verhalen over de Holocaust die geen mens onberoerd laten

Het is slecht gesteld met de kennis van de Holocaust onder Nederlanders tot veertig jaar. Docenten geschiedenis kijken er niet vreemd van op, verzuchten dat zij met name in de onderbouw structureel te weinig tijd hebben, wil enig historisch onderwerp kunnen beklijven. Dat wil zeggen: als hun vak al op de lessentabel staat! Want geschiedenis wordt in het vmbo dikwijls niet meer gegeven.

Het fictieonderwijs biedt kansen. Wie thuis is in de (jeugd)literatuur weet dat de Tweede Wereldoorlog en dan met name de Jodenvervolging een belangrijk en veelbeschreven onderwerp is.

Ik breng hierna de titels van enkele jeugdboeken onder de aandacht. De verhalen zijn toegankelijk, laten de lezer dikwijls niet onberoerd en bieden stof tot nadenken. Voor wie het gesprek aan wil gaan, liggen hier kansen.

Het betreft een selectie, er is meer. Veel meer! Voor alle titels geldt dat ze uitermate geschikt zijn voor de onderbouw.

 

Het kindertransport

Tijdens de begrafenis van haar oma is Marit (13) verdrietig, maar ook boos. Boos op haar moeder, een beroemd violiste, die schittert door afwezigheid. Ongelooflijk vindt Marit. Of toch niet? Wie was die lieve, drukke ‘oma Vliegmachien’ eigenlijk?
Na haar dood stapelen de raadsels zich op. Met hulp uit onverwachte hoek ontrafelt Marit de waarheid over oma. Haar speurtocht eindigt bij de trein vol Joodse kinderen die in juni 1943 van Vught naar Sobibor denderde: het Kindertransport.

Beer, F. de (2014) Het kindertransport. Houten: Uitgeverij Unieboek.  Isbn 978 90 003 7782 4

Uitgespeeld

Levi en Roald zijn vrienden. Voetballen is wat ze het liefste doen. Hun leven verandert ingrijpend zodra in 1940 de oorlog uitbreekt. Levi is Joods en zijn vader wil een onderduiker in huis nemen. Roalds vader daarentegen heult mee met de Duitsers en hij is een fanatiek lid van de NSB. Voetbal houdt de vriendschap overeind, tot Levi in zijn eentje moet onderduiken en in een wirwar van emoties terechtkomt. Hij raakt dierbaren kwijt en vindt later een van hen terug zonder te weten of dat voor altijd is. Wie is wel te vertrouwen en wie niet?

Gemert, G. van (2015) Uitgespeeld. Hasselt-Alkmaar-New York: Clavis Uitgeverij. Isbn  978 90 448 2322 6

Rose Blanch

Een prentenboek over het jonge Duitse meisje Rose Blanche. Zij maakt mee hoe haar stadsgenoten de mannen uitzwaaien die als soldaten de stad verlaten in hun vrachtwagens en tanks. Zonder echt te begrijpen, ziet Rose op een dag hoe een kleine jongen ontsnapt uit een van de vrachtauto’s. Hij wordt tegengehouden door de nazi-burgemeester die hem onmiddellijk uitlevert aan de soldaten. De nieuwsgierigheid van Rose is gewekt en ze besluit de vrachtwagen te volgen. Ze ontdekt een plaats die is omheind met elektrisch prikkeldraad. De barakken achter het draad worden bewoond door mensen in gestreepte kleding. Rose spreekt de hongerige kinderen aan en ze schenkt hun een stuk brood. In de periode die volgt, neemt Rose steeds eten voor hen mee. Tot, op een ochtend, iedereen de stad uitvlucht. Het slot gaat vervolgens door merg en been.

Voor een uitgebreide bespreking klik hier.

Innocenti, R. (2019) Rose Blanche. Met tekst van Christophe Gallaz. Hasselt-Alkmaar-New York: Clavis Uitgeverij. Isbn 978 90 448 3702 5

Mijn zusje

Perla en haar Sintifamilie trekken in woonwagens door Duitsland. Ze leven volgens ongeschreven wetten en eeuwenoude tradities. De mannen in de familie zijn muzikanten, de vrouwen venten en voorspellen de toekomst. Maar Perla wil ook graag leren lezen en schrijven. Als het leven steeds moeilijker wordt, moeten Perla en haar familie vluchten. Dan breekt de oorlog uit. Een roman over de manier van leven van Sinti en het vaak vergeten leed van zigeuners tijdens en na de Tweede Wereldoorlog.

Loon, I. van (2013) Mijn zusje. Hasselt-Alkmaar-New York: Clavis Uitgeverij. Isbn 978 90 448 2400 1

Oorlog in een koffer

Benyamin Jacoby is een Joodse jongen die met zijn familie in het Vlaamse Mechelen woont. Zijn leven lijkt op dat van een gewone tiener en Benyamin voelt zich in de eerste plaats een Vlaming. Zijn ouders zijn hardwerkende, succesvolle middenstanders met een kruidenierswinkel. Als in mei 1940 de oorlog uitbreekt wordt het gezin Jacoby opgepakt en afgevoerd. Benyamin overleeft niet alleen Auschwitz, maar ook Bergen-Belsen. Vlak voor zijn dood, meer dan zeventig jaar na de oorlog, vertelt Benyamin zijn verhaal aan zijn kleinzoon Pieter, aan wie hij ook een koffertje nalaat. De inhoud maakt de herinneringen aan een inktzwarte periode in diens leven pijnlijk tastbaar.

Persoons, B. (2017) Oorlog in een koffer. Hasselt-Alkmaar-New York: Clavis Uitgeverij. Isbn 978 90 448 3054 5

De laatste reis

Hannah wordt samen met haar moeder opgepakt en weggevoerd. Ze weten niet waarom en hebben geen idee waar ze heen gaan. Na een verschrikkelijke treinreis in een goederenwagon vol mensen komen ze aan in een concentratiekamp. Omdat het donker is, moet Hannah van haar moeder vluchten. Ze verschuilt zich in een opslagplaats en wacht tot haar moeder haar komt zoeken. Maar hoe lang zal dat duren?

Een omkeerboek met aan de ene kant een verhaal en aan de andere kant feitelijke informatie.

Sax, A. (2010) De laatste reis/Het verhaal van de Holocaust. Hasselt-Alkmaar-New York: Clavis Uitgeverij. Isbn 978 90 448 1415 6

De kleuren van het getto

In deze graphic novel maken we kennis met de Joodse Misja die opgroeit in de Poolse hoofdstad Warschau. Hij maakt mee hoe in oktober 1940 het stadsdeel waarin hij met zijn familie woont, wordt omgevormd tot getto. Alle Joden uit de stad en omgeving worden opgehokt. Ziektes, honger en deportaties roeien de bevolking langzaam uit.

Misja sluit zich aan bij het ondergrondse verzet. Zodra bekend wordt dat het getto ter gelegenheid van Hitlers verjaardag zal worden ontruimd, bereidt hij zich met zijn kameraden voor op het onvermijdelijke.

Sax, A. en Caryl Strzelecki (2011). De kleuren van het getto. Wielsbeke: Uitgeverij De Eenhoorn. Isbn 978 90 583 8736 3

Hetty

Hetty is nog maar een jong meisje als zij samen met haar gezinsleden in 1943 via Westerbork naar een concentratiekamp in Bergen-Belsen wordt gedeporteerd. Hetty ontfermt zich als een van de oudste kinderen over de baby’s en de kleuters en zij zorgt er zo goed mogelijk voor dat zij deze verschrikkelijke tijd doorkomen.

Verolme, H. (2016) Hetty. Oorspronkelijke titel: Hetty. A true story. Vertaald door Hilke Makkink. Utrecht: Uitgeverij Callenbach. Isbn 978 90 266 2203 8

Wie niet weg is wordt gezien

Voor Joodse kinderen, zoals Rachel en Esther, was alles wat het leven leuk maakte verboden door de Duitse bezetter, die Nederland in zijn macht had van mei 1940 tot mei 1945. Ida Vos heeft dat zelf meegemaakt en vertelt hoe het was en vooral hoe het vóélde een Joods kind te zijn tijdens de oorlog.

Vos, I. (2001) Wie niet weg is wordt gezien. Amsterdam: Leopold. Isbn 978 90 258 3039 0

Sabel

Max is een Joodse jongen die in 1943 met zijn familie wordt afgevoerd naar Kamp Vught. Het verhaal springt heen en weer tussen de tijd dat Max nog thuis woonde in de hoofdstad en de tijd die hij doorbracht in Vught.

Eenmaal opgesloten in Kamp Vught heeft Max één houvast: de rode kater Sabel die hij de kinderbarak heeft binnengesmokkeld. Door de ogen van Max ziet de lezer de wereld om de hoofdpersoon heen steeds kleiner worden.

In het slot lezen we hoe Max en zijn moeder in de zomer van 1943 met een van de verschrikkelijke kindertransporten via Westerbork worden overgebracht naar een vernietigingskamp en op dramatische wijze hun einde tegemoet gaan.

Wouda, S. (2017) Sabel. Hoorn: Uitgeverij Van Hoogland & Van Klaveren. Isbn 978 90 2586 483 5